Maleisië

26 december - 24 januari

Maleisië

Georgetown

26 december – 3 januari

We nemen onze intrek in het hotel Hutton Lodge, in het oude centrum van Georgetown, op het eiland Penang. Het grootste deel van het centrum is volledig geclassificeerd als UNESCO patrimonium, deels door de coloniale Britse architectuur, daterend van het einde van de 18e eeuw, deels door de multiculturele tradities ontstaan door de handel tussen Chinezen, Maleisiërs en Indiërs.
Ook Hutton Lodge dateert van de 18e eeuw en is één van de weinige Indo-Maleisische bungalows in de stad.

Hutton Lodge

We blijven hier 3 dagen logeren, genoeg om de binnenstad te ontdekken. We profiteren van de ochtendkoelte om de sfeer op te snuiven en de beroemde ‘street art’ te verkennen. De ‘koelte’ is met een korreltje zout te nemen, het wordt al snel 30 tot 34 graden.

De muurschilderijen van Ernest Zacharevic, een inwoner van Penang, geboren in Litouwen, zijn overal te vinden in de binnenstad. Ze werden ‘besteld’ door de overheid voor het Penang Festival in 2012. Enkele muurschilderijen zijn reeds aan het verdwijnen door de regen en vervuiling, maar door de toeristische belangstelling doet George-town er alles aan om de kunstwerken te conserveren. Het werk van Zacharevic is sociaal geëngageerd, hij laat lokale mensen poseren en verwerkt alledaagse objecten in zijn werk, zoals een fiets of een scooter. Zo nodigt hij de toeschouwer uit deel te nemen aan het kunstwerk. Hij is ook de drijvende kracht achter ‘Splash and Burn’, een kunstproject dat de palmolie-industrie op de korrel neemt. Deze alom tegenwoordige industrie in Azië is verantwoordelijk voor enorme ontbossing en het verdwijnen van de habitat van vele dieren in het oerwoud, waaronder de bekende oerang-oetangs in Borneo.

Sinds 2012 hebben andere kunstenaars zich aangesloten bij de werken van Zacharevic en Georgetown staat vol met prachtige muurschilderingen. Een ander artistiek en duurzamer project zijn de smeedijzeren sculpturen. De sculpturen illustreren de buurt, een straat of een plein aan de hand van ludieke anekdotes die afgebeeld worden. Er zijn ongeveer 52 van die kunstwerken te vinden in de hele stad en samen met de muurschilderijen zorgt dit al snel voor een dagje rondwandelen op zoek naar de mooiste plekjes. De jongens zijn enthousiast en zoeken aan elke hoek van de straat of er iets te vinden is.

Georgetown is een paradijs voor de lekkerbek. De mix van verschillende culturen (Chinezen, Maleisiërs en Indiërs) laat zich ook proeven in de keuken. En we proberen enkele lokale gerechten, zoals een pastij van ei in een luchtig gebakje bij Xing Xiang Pastel Delights in Chinatown, Indische ‘chicken tandoori’ in Little India, of assam laksa in de vele food courts. Een food court is een grote hall of plein waar eettentjes staan, met tafels en stoelen in het midden. Je bestelt wat je wil aan de verschillende tentjes en alles wordt aan je tafeltje gebracht. Simpel, lekker en goedkoop.

Food court Red Garden

Als dessert is vooral de ‘chendul’ bekend, een fris drankje op basis van groene rijstnoodles, kokosmelk en geschaafd ijs. De jongens houden het bij een ijsje bij de plaatselijke supermarkt. Ze hebben wat last van het warme weer en dit zorgt soms voor de nodige irritaties. Een ijsje kan op dat moment wonderen doen…

Per toeval wandelen we langs een koffiebar met een uniek concept; de klant kan zijn eigen boontjes branden; Easy Brew. Er is keuze tussen 30 soorten koffie uit de koffieregio’s in Azië Afrika en Zuid-Amerika. Jammer genoeg geen Maleisische boontjes… Ik kies voor arabica-boontjes uit Sumatra, een regio in Indonesië. Jim, een Canadese inwijkeling, die in de koffiebar zijn boterham verdiend, maakt een espresso klaar met mijn gekozen boontjes. Zo kan ik proeven wat het resultaat zal zijn. Daarna mag ik als een volleerde brander de boontjes branden op hun gasbrander. Na 12 minuten branden en een kwartiertje afkoelen kan ik mijn eigen koffie proeven; verbluffend.

Easy Brew

Maleisië

Maleisië

s’ Avond hebben we het geluk om een show bij te wonen van traditionele dansen door verschillende culturele groepen. We zien een mix van Indiaanse dans en zang en Chinese acrobatiek. Reizen door een land betekent ook dat je soms het geluk hebt om op het juiste moment op de juiste plaats te belanden. Verschillende culturen en religies betekent ook ettelijke feestelijkheden, er is altijd wel iets te beleven. De enige dag is het de verjaardag van Boeddha is, dan is er het festival van het licht tijdens de volle maan, of het Chinese Nieuwjaar … Het is telkens een gans spektakel waar de jongens gretig van genieten. Het zorgt ervoor dat hun kijk op de wereld in enkele maanden enorm veranderd is, wat hun idee over diversiteit en verdraagzaamheid alleen maar ten goede komt.

Naast een traditionele stad is Georgetown ook een hippe stad, de vele trendy bars, shops en pleintjes doen er alles aan om de toeristen tevreden te stellen. Zo is er de pop-up markt in Hin Bus Depot, een oude stelplaats voor bussen, waar elke zondag een pop-up markt plaats vindt. In ons hotel maakten we kennis met Carine, een Belgische vrouw uit Sint-Pieters Woluwe, die al 20 jaar in Azië woont. Ze maakt muggenwerende zalfjes op basis van essentiële oliën en brengt die aan de man op de verschillende marktjes, zoals die van Hin Bus Depot. Er heerst een gelukzalig hippie-sfeertje en we hangen wat rond in de koelte van de binnenplaats.
Transport is heel gemakkelijk in Georgetown; er rijdt een gratis buslijn, de CAT-bus, die de centrale bezienswaardigheden verbindt, Te voet is een ander verhaal, de stad wordt overwelmd door motorfietsen en auto’s, wat gevaarlijk kan zijn voor Emile die zijn jonge beentjes amper kan volgen.

Maleisië

Na drie nachten in Hutton Lodge nemen we onze intrek in een appartement, buiten het oude centrum. Het immense gebouw beschikt over een groot zwembad, een jacuzzi, een fitness en een speeltuin. Geen gewoon hotel, maar deze appartementen zijn aan ongeveer dezelfde prijs ook te vinden op Booking.com of Agoda.com.

Het is bijna Oudejaarsavond en de jongens verlangen naar een eigen stekje om deze feestdagen door te brengen. Een groot zwembad en een eigen keukentje zorgen voor de nodige vreugdekreten. Ze krijgen de vrije keuze wat het feestmaal zal worden. Ze kiezen unaniem voor pizza’s van Pizza Hut, geen gevuld kalkoen door ons klaargemaakt in het kleine keukentje zonder oven, oef…
Het is bijna 4 maanden geleden dat we nog eens pizza gegeten hebben en hier in Maleisië zijn de grote ketens als Pizza Hut, Domino’s Pizza, KFC en Mac Donald’s alom tegenwoordig. In Kuala Lumpur alleen al zijn er bijna 200 Starbucks koffiehuizen. Gezien we op de 20ste verdieping zitten, kunnen we genieten van het vuurwerk dat om middernacht op verschillende plaatsen in Georgetown wordt afgestoken.

Op onze voorlaatste dag op het eiland Penang bezoeken we één van de grootste waterparken in Maleisië; Escape. Het park ligt een klein uurtje verwijderd van Georgetown en we boeken een Grab, die ons ter plaatse brengt. Grab is de Aziatische concurrent van Uber en is heel efficiënt. Enkele minuten na het aanvragen komt de chauffeur ons oppikken en neemt ons mee aan een veel goedkopere prijs dan de plaatselijke officiële taxi’s.

Als nieuwjaarsgeschenk van hun peters en meters kregen de jongens een toegangsticket tot Escape, de prijs is ook navenant; 75 euro voor het ganse gezin. Maar het beloofd een sensationele dag te worden. Het park bestaat uit twee delen; een conventioneel pretpark met apenbruggen, zip-lijnen en bungee jumpen, en een aquatisch gedeelte met glijbanen die ongelooflijke snelheden halen. Zowel de kinderen als Steph en ik amuseren zich met volle teugen en we blijven 8 uur, tot het sluitingsuur van het park. Buiten enkele toeristen is het park bijna verlaten, de Maleisische schoolvakantie eindigde de dag ervoor en begin januari is het begin van een nieuw schooljaar in Maleisië.

De volgende dag zijn we gebroken, vooral de ‘oudjes’ dan en we voelen elke spier in ons lichaam. Escape heeft ons uitgeput en we lassen een dagje rust in (buiten wat schoolwerk dan).

Escape pretpark

Maleisië

Ipoh

3 – 8 januari

De volgende dag zetten we onze reis verder, richting Ipoh, een stad op het vasteland. Geen dag te vroeg, de tropische storm ‘Pabuk’ raast over Thailand en de staart van de storm zal de volgende morgen het eiland Penang bereiken. Door de onrustige zee beslissen we geen overzetboot te nemen, maar een Grab die ons over de brug naar het vasteland zal brengen. De lucht is dreigend grijs, maar de grote onweersbuien en felle windstoten blijven uit. Op vele eilanden in Thailand raast de storm en vele toeristen moeten vluchten. Waarschijnlijk zijn de beelden van de tsunami van 2014 nog gegraveerd in het geheugen en velen nemen het zekere voor het onzekere. Begrijpelijk als je met kinderen reist.

Wat ons betreft wordt het een rustige busrit naar Ipoh, hoofdstad van de provincie Perak, en mekka van de ‘white coffee’, hoofdreden waarom ik in deze stad wil verblijven. ‘White coffee’ is een bereidingswijze waarbij de koffiebonen in margarine worden gebrand, wat een boter-achtige smaak aan de koffie geeft. Het heerlijke drankje wordt op smaak gebracht met zoete gecondenseerde melk en al dan niet opgediend met ijsblokjes (kopi ais). Deze stijl van koffie is populair in het hele land, maar in Ipoh is Sin Yoon Loong gevestigd, een simpele ‘kopitiam’ (coffee shop) en zij waren de eersten die de ‘white coffee’ klaarmaakten, zoveel jaren geleden. Als je een ‘coffee latte iced on the go’ vraagt krijg je die meestal in een plastic zakje met een rietje opgediend. Heel typisch, zo typisch dat kunstenaar Zacharevic er een muurschildering heeft van gemaakt, als protest tegen het overmatig gebruik van plastic zakjes in de winkels en koffiebars.

We huren een kamer in Concubine Lane 27, een hotel in een authentieke ‘shophouse’, een handelshuis met woning op de eerste verdieping. De eigenaar John, een Britse inwijkeling, heeft het huis eigenhandig gerenoveerd tot een gasthuis en souvenirshop. De stijl is netjes en het hotel is goed gelegen om de omgeving te ontdekken. Het enige nadeel is dat we een kamer onder het dak geboekt hebben, niet geïsoleerd en bij 34 graden is het zelfs heet als de 6 ventilatoren door onze haren waaien. De straat Concubine Lane is een kleine, smalle, 19e-eeuwse straatje waar vroeger opiumholen, gokhuizen en bordelen waren. De straat herwon zijn reputatie toen het de residentie werd van de maitresses van de rijke Chinezen, die in de aanpalende straten huns winkels hadden.

De stad Ipoh is minder toeristisch dan Georgetown en bevat ook mooie plekjes die we tijdens het wandelen ontdekken. De atmosfeer is minder benauwend en minder vervuild dan in Georgetown. We gaan op zoek naar een goede kop koffie en een lekker ijsje voor de kids, die weerom voorbeeldig waren tijdens de lange busrit. Deze avond vroeg onder de lakens…
Een laken was niet echt nodig tijdens een nacht waar de temperaturen amper daalden… We bedanken John voor zijn gastvrijheid en trekken naar een ander gasthuis; EDM Space (17 euro per nacht), l, een jeugdhotel met ruime, koele speelkamer. We naderen langzaam maar zeker de evenaar en de dagtemperaturen liggen veelal boven de 30 graden, met een hoge vochtigheid in de lucht en een koele speelruimte is alles wat de kids nodig hebben. EDM Space is ruim goedkoper dan het vorige hotel en met het uitgespaard budget huren we een auto huren om de omgeving rond Ipoh te verkennen.

Maleisië

In de omgeving van Ipoh bezoeken we enkele Chinese tempels en het kasteel van Kellie.
De Chinese tempels bevinden zich in een grot, vroeger trokken de monniken zich hier terug om als kluizenaar te leven. Sommigen verbleven hier 20 jaar zonder contact met de buitenwereld. Vandaag zijn de grotten open voor het publiek en het is verbazingwekkend hoe kleurrijk het decor is, het voelt bijna alsof je naar een pretpark gaat, het is bijna kinderachtig hoe ze gebruik maakten van felle kleuren en fantasierijke beelden. Op het moment van ons bezoek is er een ceremonie aan de gang, mensen gehuld in zwarte tunieken luisteren naar het eentonig gezang van enkele monniken. Het voelt alsof we in een scène van ‘Eyes Wide Shut’ beland zijn.
De jongens ontdekken een doorgang in de grot die hen naar een open ruimte brengt met een waterpoel. In en rond het water leven een honderdtal schildpadden, dit is wat hen interesseert en de ze trakteren de beesten met stukjes tomaat. Tijd om onze magen te vullen en we laten ons verleiden door de geur die door de grotten waait. In een grote en lawaaierige refter worden de bezoekers verwend met plaatselijke gerechten. Een unieke belevenis, want we bevinden ons nog steeds in een grot.

Met een volle maag zetten we koers naar het kasteel van Kellie. William Kellie Smith was een Schotse tycoon die zijn fortuin maakte in de rubber- en tinindustrie. Met zijn zakgeld bouwt hij een exuberant kasteel, de Taj Mahal van Ipoh, omdat hij het kasteel bouwt ter ere van zijn vrouw, net zoals de keizer in het Indische Agra. De bouwwerken starten in 1914, maar zullen nooit afgewerkt worden, deels omdat de Indische bouwvakkers geveld worden door een griepepidemie en deels omdat William Kellie in 1926 vroegtijdig komt te sterven tijdens een bootreis naar Londen. Daar wou hij een lift voor zijn kasteel gaan ophalen, wat een primeur zou zijn in Maleisië. Zijn vrouw en dochter kunnen de bouwwerken niet langer onderhouden en het kasteel wordt verkocht aan een Brits conglomeraat. Vandaag is het kasteel een toeristische trekpleister en dient ook als decor van verschillende films, waaronder ‘Anna and the King’, met Jodie Foster.
De architectuur is vrij uniek omdat het bouwwerk zo gebouwd werd dat er altijd een koele bries door de verschillende vertrekken waait, wat het kasteel extra koud en luguber maakt. Een legende vertelt dat een Brits koppel, die nachtopnames wou maken, een schim van de dochter van Kellie door de gangen zag dwalen.
Dit interesseert de jongens wel en ze spelen verstoppertje door de vele kamers. Ze maken snel wat veel kabaal en mede door de hitte hebben ze moeite zich te gedragen in deze openbare plaats. De belofte om een ijsje te gaan kopen in een aanpalen dorp kan de gemoederen wat bedaren… hoopten we. Uiteindelijk blijkt het naastliggende dorp geen ijsjes in voorraad te hebben en de jongens keren gefrustreerd terug naar het hotel. Deze warme dag is hen wat teveel en de speelruimte in het gasthuis brengt wat soelaas.

De volgende dag staat een bezoek aan Cameron Highlands op het programma. Deze bergachtige streek op 100km van Ipoh is bekend voor zijn vele theeplantages, daterend uit de tijd van de Britse kolonisten, die net zoals wij, ook op zoek waren naar wat frissere oorden. Cameron Highlands ligt op 2000m hoogte en het temperatuurverschil is enorm, er hangt zelfs een dikke mist, wat onze autorit wat avontuurlijker maakt… De streek wordt overheerst door tomaten, aardbijen-serres en restaurants voor toeristen. Gelukkig deden we vooraf wat research en al snel vinden we de verlaten uitgestrekte theeplantages op de heuvelflanken. Tijd om de drone boven te halen…

’s Middags eten we een typische ’steamboat’, een bouillon verwarmd op hete kolen waarin groenten, vlees en vis gegaard worden. Uit de pot met kolen rijst een lange ijzeren rookpijp, vandaar de naam ’stoomboot’. Het voelt een beetje als een fondue of raclette eten op een koude winteravond in de Ardennen… Het gerecht is afkomstig uit China en is al meer dan 1000 jaar oud. Voor de jongens is het vooral een spektakel om met de netjes en chopstick naar vlees te vissen.

Steamboat

Maleisië

Maleisië

Pulau Pankor

8 – 13 januari

Enkele dagen later verlaten we Ipoh en rijden we per bus naar het eiland Pankor, via het haventje Lumut. Pulau Pankor is een klein eiland van 18m2 aan de westkust van Maleisië en beloofd vooral rustig te zijn. We hebben wel wat rust nodig na een intensieve week in Ipoh en de vele uitstapjes. In het verleden wat Pankor een visserseiland, die leefde van de handel en was zelfs een schuiloord voor piraten. Vandaag ontvangt Pankor vooral lokale toeristen en heel veel Chinezen… Via Agoda boekten we een hotel in het noorden van het eiland, in Teluk Nipah. Daar aangekomen blijkt het een vieze bedoening te zijn, met tientallen kakkerlakken en een uitzicht op een vuilnisbelt. De kinderen vallen voor het kleine zwembad, maar Stéphanie en ik hebben geen zin hier te blijven. Dit zou ons verblijf op Pankor kunnen vergallen. We hadden echter reeds 4 nachten geboekt én betaald via Agoda. De receptioniste van het hotel kan/wil ons niet helpen en verwijst ons door naar Agoda. We krijgen een vriendelijke telefonist aan de lijn en de zaak is in enkele minuten geregeld; we kunnen de boeking ongedaan maken en krijgen ons geld terug. Waarschijnlijk hebben de vele boekingen en goede reviews op Agoda ons hier een beetje geholpen.

We kruipen in een taxi die met ons het halve eiland rondrijdt op zoek naar een hotel die ons bevalt. Uiteindelijk belanden we in Vikri Beach Resort aan het strand van Pasir Bogak. Het hotel bestaat uit een 20-tal bungalows en wordt gerund door Vikri en zijn Indische familie. Het onthaal is uiterst vriendelijk en alhoewel het kostprijs iets boven ons budget ligt beslissen we te blijven. Het wordt al avond en de jongens zijn moe van de busreis. Bovendien is het ontbijt in de prijs inbegrepen, is de bungalow ruim genoeg voor ons 5 en er is een grote tuin om in te ravotten. Dat het hotel vlak naast het strand ligt en ons verwelkomt met een prachtige zonsondergang is de kers op de taart.

Vikri Beach Resort

Beautiful sunset

Tegen valavond krijgen we bezoek van een enkele familie’s apen die komen rondneuzen of er etensresten in de keuken of in de vuilbakken te vinden zijn. Voor Vikri en zijn ploeg is dit geen verrassing meer, elke ochtend, tijdens het ontbijt en elke avond, tijdens het avondmaal, komen de apen hier op bezoek. Ze kunnen nogal agressief worden en hebben geen schrik om kleine kinderen aan te vallen, die met een koek of een stuk fruit het terrein oversteken. Het personeel waarschuwt ons en probeert de apen op afstand te houden met katapulten en kleine pétards. Voor de jongens is het telkens een waar spektakel als een aap zich wat te dicht bij de keuken begeeft.
Naast de apen krijgen we ook dagelijks bezoek van een familie neushoornvogels. Deze intelligente vogels weten ook wanneer het etenstijd is en eten brood uit onze handen.

Maleisië

Op Pankor valt niet veel te beleven, we laten ons leiden door het ritme van de kinderen en genieten van zon en zee. We huren twee scooters om het eiland te verkennen. ’s Middags smullen we van zelfgemaakte broodjes en ’s avonds trekken we naar een uitstekend Chinees restaurant op een steenworp van ons hotel. De dagen kruipen voorbij en toch slagen we erin de jongens telkens bezig te houden. We nemen de tijd voor wat huiswerk en rond de middag maken we enkele uitstapjes.
Zo gaan we aan boord van een kleine boot, om te gaan snorkelen en vissen. Uitgerust met een eenvoudige visdraad slagen Simon en Stéphanie erin een vis aan de haak te slaan. De schipper verklaart dat de vrouw van Vikri deze vissen op een heerlijke manier kan klaarmaken, maar we krijgen het niet over ons hart en laten de vissen terug vrij… Na een korte stop op een klein eilandje waar we al snorkelend de zeebodem ontdekken, is de namiddag is al verstreken.

Een andere excursie brengt ons naar enkele Chinese tempels, waaronder Foo Lin Kong. Het is de grootste taoïstische tempel op het eiland. De tempel is het centrum van het taoïsme op het eiland, de religie die de leer volgt van Lao Tze, een grote Chinese filosoof. De tempel is meer dan honderd jaar oud en is versierd met Disney-achtige beelden. Er is een mini Grote Muur van China in de tuin aangelegd, met een honderdtal trappen, waarop de plaatselijke bevolking hun ochtendgymnastiek komt doen.
Ook de Lin Ye Kong tempel is een bezoekje waard, ook hier ontdekken we fantasierijke figuren die op het eerst zicht niets met godsdienst te maken hebben.

De volgende dagen bezoeken we de kleine ruïne van een Nederlandse burcht, De Nederlanders hebben dit kleine fort gebouwd om meer grip te krijgen op de tin)industrie in de 17e eeuw. Het fort werd gebruikt om vreemde schepen af te weren en zo de tinhandel te beschermen. Naast het fort ligt Batu Bersurat (of de Tiger Rock), een enorme rotsblok met oude inscripties die verwijzen naar een (Nederlands) kind dat door een tijger zou zijn meegenomen.
Op de terugrit ontdekken we een atelier waar originele vissersboten worden gemaakt, een unieke belevenis voor de jongens. We stoppen bij de Hindoeïstische tempel van Sri Pathra Kalliamman, een kleurrijke tempel gebouwd op de kustlijn. Zo kunnen gelovigen in de zee baden om hun negatieve energie weg te werken. We zijn getuige van een ritueel waar een gelovige vrouw al stappend, al knielend en al rollend rond de tempel gaat. Voortdurend wordt ze overgoten met water. Een heel intieme gebeurtenis waar de jongens later nog veel vragen over hebben.

Onze kleine week op dit prachtige, authentiek eiland is al snel ten einde. De zeebries en de rust bij Vikri hebben ons deugd gedaan en we zijn klaar om het veelzijdige Maleisië verder te gaan ontdekken.

Maleisië

Maleisië

Melaka

13 – 16 januari

Om 6u ’s morgens zijn we reeds uit de veren om de ferry en de bus naar Melaka te nemen. De jongens zijn ongeduldig om te vertrekken en het vroege uur maakt hen enkel opgewekter. Ook wij zijn gebrand om naar Melaka te gaan, hier hebben we afgesproken met een familie uit Gent, die zoals ons, ook reizen met 3 jongens. We volgen elkaar al een tijdje op Instagram en toen we merkten dat onze wegen gingen kruisen in Melaka, was het een uitstekend idee om elkaar te ontmoeten om ’stoere’ en andere reisverhalen te delen…

We checken allemaal samen in bij Rucksack Caratel, een hotel met een uniek concept. We slapen in een soort caravan, niet aan een oever van een rivier of in een weide vol koeien, maar in een geklimatiseerd gebouw. Er heerst een ontspannen sfeer en de voetbaltafel en het kleine zwembad wordt onmiddelijk ingenomen door de jongens.

Rucksack Caratel

Deze keer niet 3, maar 6 jongens. Simon, Robin en Emile van Triptastic en Kamiel, Oscar en Jef van 5_ontheroad worden, samen met de ouders, voor een paar dagen “10 on the road”. En het zijn vooral de kinderen die het ene stoere reisverhaal na het andere vertellen.

Maleisië

“10 on the road”

Maleisië

De volgende dagen bezoeken we samen het mooie stadje Melaka, leuk, maar erg toeristisch. We ontdekken de kleurrijke oevers van de rivier, het Maritiem Museum op een replica van een Portugees schip, waar vooral de kinderen oren naar hadden. De stad was vroeger van heel groot economisch belang en was de eerst internationale haven van Maleisië. In de achttiende eeuw werden hier 87 talen gesproken. De stad wordt gekenmerkt door ongeveer 130 jaar Portugese kolonisatie en behoudt een zekere sfeer van dit koloniale tijdperk. Een klein knipoogje naar onze vrienden Ines, Jose en Miguel uit België; we eten hier ‘pastel de nata’ (een heerlijk Portugees gebakje gemaakt van banketbakkersroom in een taartje, koud of lauw opgegeten).

Onze ochtenden zijn gewijd aan de bezoeken en in de warme namiddag is het voor de 6 kinderen schoolwerk geblazen (Emile ‘werkt’ in zijn kleurboek). Het groepseffect stimuleert hen.

Als je in Melaka bent moet je ook de plaatselijke tuk tuk proberen. De tuk tuks hier zijn versierd op de meest kleurrijke manier; The Minions, Hello Kitty, The Avengers,… en uit de boxen knalt luidde muziek. De kinderen en de mama’s kiezen er eentje uit en laten zich op een niet zo onopvallende manier rondrijden door het stadje. Een echte folklore-stoet, maar een leuke afwisseling van de taxi’s, Grabs of stadsbussen.

Local tuktuk, better than Grab

Als het bedtijd is voor de kinderen hebben de ‘oudjes’ wat tijd om tips uit te delen en onze reis verder te plannen. Het is altijd zo verrijkend om andere reizigers te ontmoeten en openhartig onze ervaringen te delen, zowel op praktisch als persoonlijk gebied. De paar dagen dat we met Tom, Stéphanie, Kamiel, Oscar en Jef van 5_ontheroad doorbrengen vliegen voorbij en het afscheid komt nader. We spreken af om elkaar zeker terug te zien in België en houden contact tijdens onze verdere avonturen. Misschien komen we elkaar nog tegen hier ergens in Azië…

De volgende morgen staan we met z’n tienen aan de bushalte van Melaka; onze Gentse vrienden vertrekken naar Kuala Lumpur en wij naar Singapore. Tot snel 5_ontheroad!

Maleisië

Singapore

16 – 19 januari

De beslissing om naar Singapore te gaan viel pas enkele dagen voor ons vertrek naar deze indrukwekkende stadstaat. Misschien wat kort op de bal, want een hotel vinden aan een redelijke prijs geen makkelijke opgave. De 6 uur durende busrit naar Singapore verloopt vlot, een visum is niet nodig en de grensovergang zou geen probleem mogen zijn.

Maleisië

Maleisië en Singapore zijn twee sterk ontwikkelde landen en dagelijks maken duizenden mensen de oversteek naar het eiland. Eerst moet je Maleisië uitchecken, om dan enkele meter verder in te checken in Singapore. Bij de controle van de bagage wordt mijn handbagage van de band gehaald voor extra controle. Blijkt dat een elektronische sigaret verboden is in Singapore. Ik had hier helemaal niet bij stil gestaan en ter goeder trouw het ding in de handbagage gestoken omdat er lithium-batterijen in zitten. We moeten met z’n allen naar het douanekantoor voor extra controle. De spanning neemt wat toe, we weten immers niet wat er van ons verwacht wordt; boete, of erger… Vooral Robin begint wat schrik te krijgen en stelt ons 100 vragen, waar wij op dat moment ook geen antwoord op weten. Na heel wat papierwerk en een 10-tal handtekeningen moet ik alleen mee met de douane-beambte. De enkele minuten dat ik weg ben, lijken voor Robin en de anderen enkele uren… Gelukkig ben ik snel terug en moest enkel mee naar buiten om het toestel eigenhandig in een afvalcontainer te gooien, klaar voor vernietiging. We haasten ons naar de standplaats van de bussen in de hoop dat onze bus daar nog staat, gelukkig… de buschauffeur heeft op ons staan wachten. Later horen we dat de bussen reeds vertrekken als één of meerdere passagiers te lang bij de controle moeten blijven. En dan moet je je eigen vervoer naar het eiland zien te regelen. Gelukkig had onze buschauffeur dus wel wat geduld…

Aangekomen in Singapore checken we in bij Central 65, een hostel en zowat de enige betaalbare optie die we vonden in de buurt van het centrum, dichtbij de metro. Het jeugdhotel heeft echter zijn beste jaren gekend en de slaapzaal is klein en zonder ramen. Ook het personeel is niet echt vriendelijk. We zullen enkele dagen op onze tanden moeten bijten en leren dat we niet veel moeten verwachten van last-minute boekingen in Singapore. We gooien onze zakken neer en vertrekken snel op verkenning in de lichtstad.

De stad lost wel zijn verwachtingen in, alles is proper, feeëriek verlicht en vooral rustig. Singapore heeft namelijk een stop gezet op de inschrijving van nieuwe kentekens voor wagens. Enkel wie een wagen of een kenteken heeft mag het eiland op. We vergapen ons aan de lichtshow in Gardens by the Bay en wanen ons in een science fiction film. Het kunstwerk bestaat uit 11 structuren in de vorm van bomen en zijn uitgerust met zonnepanelen, die deels zorgen de energie voor de lichtshow. Dit blijkt nodig te zijn, want Singapore heeft één van de grootste energie-vretende steden ter wereld. Niet verwonderlijk als je dl die gigantische torens, kantoren en gebouwen ziet. Het grondgebied wordt ook te klein, waardoor ze het eiland uitbreiden met opgespoten grond.
Net naast de Gardens by the Bay ligt het immense hotel, Marina Bay Sands, 3 grote torens, bovenaan verbonden met een structuur dat op een gigantische boot lijkt. Ook daar speelt zich elke avond een lichtshow af.

Maleisië

De volgende morgen heeft Robin last van spierpijn in zijn nek, hij kan zich amper bewegen en jammert bij de minste beweging. Iets wat we niet gewoon zijn bij hem. Een teken voor ons dat we het tempo wat moeten verlagen.

De volgende dagen nemen we de tijd en slenteren we door de verschillende delen van de stad; Little India, met de gezellige en smakelijke marktjes, Chinatown, met de vele kleurrijke winkeltjes en de eten heerlijk in de vele food courts. Bij regenweer bezoeken we de Nationale Galerij van Singapore, waar zich een interactieve tentoonstelling voor kinderen bevindt. Op een ludieke manier worden de dimensies tijd en ruimte voorgesteld, kunnen de jongens virtueel pottenbakken en maken ze hun eigen kunstwerkjes aan de hand van stempeldruk. Onze Belgische vriend Xavier, die ook interactieve applicaties voor musea creëert, zou hier zijn hartje kunnen ophalen. Die avond staat een klank- en lichtshow op het programma met projecties op verschillende historische gebouwen. We hebben weerom geluk dat we ons op het juiste moment in Singapore bevinden, de openingsshow maakt deel uit van een het project ‘Art takes over the City’ en duurt maar twee dagen.

Na een goeie nachtrust is het tijd om deze indrukwekkende stad te verlaten. Robin voelt zich al wat beter en is klaar om samen met ons Kuala Lumpur, de hoofdstad van Maleisië te ontdekken.

Maleisië

Maleisië

Kuala Lumpur

19 – 24 janvier

De busrit van Singapore naar Kuala Lumpur duurt lang, het is heel druk aan de grensovergang en we doen er 6 uur over. Gelukkig worden we deze keer niet in het douane-kantoor geroepen. Niets aan te geven…
In Kuala Lumpur huren we, via Airbnb, een appartement in residentie Regina Suites, een gigantisch gebouw met twee zwembaden, fitnessruimte en restaurant en buurtwinkeltje. Het rooftop-zwembad is dan wel verboden voor kinderen, maar levert wel een spectaculair zicht op Kuala Lumpur met zijn bekende Petronas-torens.

Deze keer hebben we geen zin in grote verkenningstochten en worden het 5 rustige dagen. De jongens hebben wat schoolwerk in te halen en de ‘oudjes’ nemen wat tijd om de volgende bestemming, Laos, voor te bereiden.
Het enig wat we niet willen missen is de Thaipusam-viering in de Battu Caves. Deze jaarlijkse religieuze gebeurtenis vindt plaats in vele Aziatische landen, maar de verering in de Battu Caves is één van de hoogtepunten. Thaipusam is een Hindoe-feest dat vooral gevierd wordt door de Tamil gemeenschap en duurt 5 dagen.
Tijdens deze indrukwekkende Hindoe-ceremonie beelden duizenden vrouwen, mannen en kinderen hun boetedoening uit door middel van geseling en smeken ze om vergeving van Murugan, de zoon van Shiva (schepper van het universum), die naar de aarde kwam om het kwaad te bestrijden. De kinderen, de mannen en zelfs vrouwen haar scheren hun hoofd kaal en bedekken hun hoofdhuid met gele/gouden verf.
We nemen een overvolle trein naar de Battu Caves en het wordt al duidelijk dat het een kleurrijke ervaring zal worden. Iedereen is opperbest gekleed en we voelen de spanning stijgen als we dichter bij de grot komen.
Wij zullen de 5 opeenvolgende dagen van de ceremonie niet bijwonen, maar we gaan naar de grot waar de gelovigen na een lange processie (16 km) aankomen en 272 treden beklimmen, ondersteund door hun familie en vrienden, aan de voet van het altaar van Murugan. De geseling kan op verschillende manieren uitgevoerd worden; de meesten plaatsen een potje, gevuld met melk, op hun hoofd en maken de lange tocht. Anderen gaan verder en zeulen zware constructies, die bevestigd worden met haken in hun lichaam, mee langs de processie. Daarnaast piercen ze kleine speren (het symbool van Murugan) door hun mond, lippen en kaken. Eenmaal bovenaan aangekomen in de grot worden ze bevrijd van hun haken en speren. Sommigen van hen zijn in trance door de pijn, maar ook om de pijn dragelijk te maken. De sfeer is heel geladen, temeer omdat er net een storm losbarst op de plaats van de ceremonie. De vele kleuren en geuren vormen, samen met de cadans van de Indiase muziek en de dreigende donderslagen, een onvergetelijke gebeurtenis. Bij terug keer naar het hotel zijn we zwaar onder de indruk van het evenement.

Maleisië

Maleisië

De volgende dag worden we getrakteerd door een spektakel, opgevoerd door de jongens, die duidelijk hun stekje hebben gevonden in ‘ons appartementje’.
Enkele dagen later zullen we Maleisië verlaten en wacht ons een nieuw avontuur in Laos. Ons vliegtuig vertrekt om 6u30, dus moeten we rond 4u ons appartement verlaten. Wanneer we een reguliere taxi willen boeken voor de rit, blijkt de prijs belachelijk hoog te zijn, 40 euro, dit is zoveel als een nacht in een goed hotel. Dan maar Grab proberen, het is de eerste keer dat we een Grab-rit van vooraf boeken en het is dus afwachten of de chauffeur zijn bed zo vroeg uit wil. Tot onze opluchting staat de vriendelijke chauffeur ons ’s morgens op te wachten en we betalen 16 euro voor een rit van 45 minuten.

2 reacties

  1. Reactie van Lieve huys

    Avatar

    Lieve huys Reageer 10 februari '19 om 15:02

    Het blijft spannend en heerlijk om jullie te volgen!❤❤❤❤❤

    • Reactie van Bert

      Bert

      Bert Reageer 10 februari '19 om 15:57

      Het blijft dan ook spannend om nieuwe plekken te ontdekken, nieuwe mensen te leren kennen en onze grenzen te verleggen. Elke dag is een nieuw avontuur…

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Ga naar boven