24 februari - 14 maart

Laos

Laos

Vientiane

24 – 27 januari

Na een vlucht van 2u vanuit Kuala Lumpur arriveren we in de hoofdstad van Laos, Vientiane. Het is 9u30, 1u verschil met Maleisië en 6u verschil met België. Bij aankomst in de luchthaven merken we onmiddelijk de rustige sfeer die er hangt, wat een verschil met de luchthavens van KL of Bangkok. We moeten nog een visa-aanvraag doen, maar hebben geen cash in kip (valuta in Laos) of Amerikaanse dollars. Een bewaker brengt me naar een ATM en vervolgens naar een ‘onofficieel’ wisselkantoor, waar ik een paar honderd dollar kan inwisselen voor een paar miljoen Laotiaanse kip (1 euro is ongeveer 10000 kip). De wisselkoers in het kantoor is veel interessanter dan in een officieel wisselkantoor en we vermoeden één of ander opgezet handeltje. Maar we komen er beter uit en al snel krijgen we elk voor ongeveer 30 euro een toeristenvisa voor 30 dagen. Waarschijnlijk zullen we deze nog moeten verlengen, we zijn vrij, volgen geen strakke planning en alles hangt af van hoe we dit nieuwe land zullen ervaren. We weten enkel dat de lokale vervoersmiddelen heel traag zijn en de wegen in slechte staat. Vandaar ons plan om wat langer dan een maand in Laos te blijven en het land te doorkruisen zoals de sfeer er heerst; op het gemak.

De taxichauffeur die ons naar het centrum van de stad brengt spreekt een aardig woordje Frans, niet verwonderlijk, de oudere generatie heeft nog de periode meegemaakt waar Laos deel uitmaakte van het Franse Indochine en dit laat zich voelen in de taal en de cultuur.

We arriveren in ons hotel; Vientiane Garden Boutique , een zeer mooi hotel, in het centrum van de stad met een verfrissend zwembad. Dit word onze uitvalsbasis voor de komende dagen. De andere hotelgasten zijn overwegend Franstalig, en ze zijn niet de enigen, 80% van de toeristen die we tegen komen in Vientiane, komt uit Frankrijk of Franstalig België. Vientiane voelt eerder aan als een groot dorp dan als een kleine stad, er heerst een ‘à l’aise’ sfeer, iets wat niet gezegd kan worden van andere Aziatische hoofdsteden.

Laos

COPE visitor center

De volgende dag, huren we, naar onze goede gewoonte een aantal fietsen. Weerom geen fietsstoeltje voor Emile, hij zal in de draagzak, op de rug van papa, moeten volgen. We fietsen langs de Mekong, deze imposante rivier heeft zijn bron in China en doorkruist ook Myanmar, Cambodja, Vietnam en Thailand. De rivier is een echte zegen voor het land en 70 miljoen mensen leven langs deze bruingekeurde stroom. De Mekong zorgt voor irrigatie van vele rijst- en andere velden, maar ook voor visvangst, transport van goederen en mensen en voor de productie van elektriciteit. De stroom is ook gekend voor de drijvende woningen en marktjes, vooral in Thailand.

Onze eerste halte houden we bij COPE, een rehabilitatie-centrum voor slachtoffers van bommen en landmijnen. Het centrum herbergt ook een didactische tentoonstelling die uitleg geeft over de oorsprong en gevolgen van de miljoenen bommen die in Laos gevonden werden en worden. Het centrum biedt eerstelijnshulp aan de slachtoffers onder de vorm van prothesen en andere medische hulpmiddelen. Daarnaast biedt het centrum financiële en psychologische hulp aan de getroffen families.

Hoewel Laos niet officieel niet bij de Vietnamoorlog betrokken was, waren er toch veel slachtoffers in het land. Meer dan twee miljoen bommen daalden neer op Laos tijdens de Vietnamoorlog tussen 1964 en 1973. Nog steeds draagt Laos de gevolgen van de vele bombardementen. De clusterbommen zijn namelijk maar voor één procent opgeruimd; terwijl miljoenen bommen nog niet zijn gevonden.
De Vietnamoorlog was oorspronkelijk een oorlog tussen Noord- en Zuid-Vietnam. Maar al gauw werd het Zuid-Vietnamese leger ondersteund door de Verenigde Staten, omdat de VS vreesde dat Vietnam communistisch zou worden. Laos bood gedurende de Vietnamoorlog onderdak aan de communistische soldaten uit Noord-Vietnam. De VS besloot daarop ook Laos te bombarderen, onder het mom van een ‘ geheime’ oorlog. De bombardementen vonden plaats gedurende een periode van negen jaar, waarbij om de 8 minuten een bombardement plaatsvond, 24u op 24, 7 dagen op 7. De VS voerden 580.000 bombardementen uit waarbij zo’n 270 miljoen clusterbommen gelost werden boven Laos. Hierdoor krijgt Laos de titel als meest gebombardeerde land ‘ooit’ in de geschiedenis. Eén clusterbom bevat ongeveer 670 ‘bombies’; kleine bommen ter grote van een sinaasappel. Net voor de impact lost de bom de 670 kleine bommen en elke bombie heeft een dodelijke reikwijdte van 3 voetbalvelden. 30% van de gedropte bommen detoneerden niet tijdens de inpakt en bevinden zich nog steeds op Laotiaans grondgebied.

Naar schatting zijn ongeveer 50.000 Laotianen gewond of gedood als gevolg van UXO-incidenten (UXO = UneXploded Ordnance) sinds 1964. Ongeveer 30.000 van deze incidenten vonden plaats tijdens de Vietnam-oorlog (tot 1973). De andere 20.000 slachtoffers vielen na het conflict. Geschat wordt dat meer dan 40% van de slachtoffers kinderen zijn, die al spelend de kleine bommen ontdekken. Jaarlijks vallen er nog een 100-tal slachtoffers. Onze kinderen onthouden dat in sommige gebieden in Laos nog steeds bommen onder de grond liggen en dat het gevaarlijk kan zijn om van de veilige wandelpaden af te gaan.

De internationaal ondersteunde organisaties UXO Lao en MAG zijn al sinds de jaren ’90 bezig de risicogebieden veilig te maken. Het werk moet minutieus gebeuren en vereist een specifieke training.

Laos

Bij terugkeer in het hotel bots ik bijna letterlijk op een oude jeugdvriend; Kristoffel en zijn familie, die in hetzelfde hotel verblijven. We wisten dat ze ook een reis door Azië maakten, maar hadden geen idee over hun route. Kristoffel en Sara reizen samen met hun drie jongens, Lukas, Joppe en Wannes, en nadat het ijs gebroken is vliegen de 6 rakkers in het zwembad. Voor dat onze wegen zich terug scheiden, brengen we ’s avonds nog een gezellige avond door in een restaurant in het centrum van Vientiane.

Laos

De volgende dagen maken we nog enkele fietsritjes in en rond de hoofdstad. De zon spaart ons niet, maar op regelmatige tijdstippen houden we een pauze: vers vruchtensap, koffie of zelfs broodjes zoals bij ons. Het Frans stokbrood en de verse croissants zijn nog overblijfselen van de Franse overheersing in het land.
We rijden onder andere langs de bekende Wat Si Saket tempel. Deze oudste tempel van Vientiane werd gebouwd in 1819 en is de enigste tempel die de Thaise inval van 1827 overleefde. Waarschijnlijk omdat de tempel in Thaise stijl gebouwd werd. In de nissen van de muur rond te tempel bevinden zich 2000 kleine boeddha-beeldjes, ooit waren het er 9000.

We fietsen onder de triomfboog van Patuxai, een gedenkteken voor de vele slachtoffers van de tweede wereldoorlog en de onafhankelijksoorlog. Het monument werd gebouwd met Amerikaans geld en cement, dat oorspronkelijk bedoeld was voor de aanleg van een nieuwe luchthaven. Niet ver daarvan ontdekken we een vreemd kunstwerk, een olifant volledig opgebouwd uit porseleinen schotels en kopjes.

Ook Pha That Luang staat op het programma, deze gouden stoepa is hét nationaal symbool van Laos en staat op de Laotiaanse bankbiljetten. Op het pleintje voor de stoepa staat een beeld van Jayaverman de zevende, de eerste boeddhistische koning van het khmer-rijk én bouwheer van heel wat tempels in het Cambodjaanse Ankor.

Wanneer we op de terugweg het legermuseum willen bezoeken, blijkt dit gesloten te zijn. Een vriendelijke bewaker geeft ons toch toegang tot het museumplein, waar meerdere vliegtuigen en ander legermateriaal te bezichtigen zijn.

Laos

Laos

Op de laatste dag in Vientiane krijgen de jongens een massage cadeau; een voetmassage voor Simon en een voet- en hoofdmassage voor Robin en Emile. Emile houdt zich uitzonderlijk kalm en geniet van de zachte handen van een Laotiaanse schone… Mama doet er een schepje bovenop en gaat voor de ontspannen en massage met essentiële oliën. Ik hou de boot af en geniet van een Ethiopische arabica in het trendy Titkafe.

Titkafe

Laos

Vang Vieng

27 januari – 01 februari

Vang Vieng ligt op 160km van Vientiane, maar de busrit duurt toch 5 uur, vooral door de slechte toestand van de wegen. In het noorden van Laos vinden gigantische bouwwerken plaats. De vele vrachtwagens, die materialen aanvoeren voor de nieuwe stuwdammen en de aanleg van het treinspoor China – Thailand, rijden de lokale wegen helemaal stuk. 20 minuutjes voor onze aankomst in Vang Vieng krijgen we nog een lekke band, maar de chauffeur is niet aan zijn proefstuk toe en doet een bandenwissel in 10 minuten. We komen uiteindelijk volledig door elkaar geschud, maar in gezonde toestand, aan in ons hotel; Vang Vieng Homestay.

De natuur rond het stadje is verbluffend en wordt omringd door machtige karstgebergtes. De zonsondergang is er eentje om u tegen te zeggen… Vang Vieng heeft een beruchte geschiedenis; in de jaren ’90 en begin 2000 werd het stadje overspoeld door toeristen die de Nam Song rivier afvaren in plastic banden (tubing), meestal nogal beschonken of onder invloed van drugs. Nadat er meerdere doden vielen heeft de regering die activiteit sterk aan banden gelegd en tegenwoordig mogen enkel registreerde bedrijven nog toeristen meenemen op de rivier. Ook het aantal bars werd gehalveerd.

Voor ons hotel vindt in de vroege morgen een lokale markt plaats, een schouwspel van kleuren en geuren. Er worden niet enkel exotische groenten aangeboden, ook ratten, kikkers, eekhoorns en vleermuizen gaan gretig over de ‘toonbank’. Tegenover het hotel is een koffiebar-hotel, Champalao, met een prachtig zicht op de rivier en de karstheuvels. Naast een heerlijke koffie voor de oudjes vindt Emile hier wat speelgoed en een speelvriendje. Ons kereltje mist een plekje om rustig te kunnen spelen. We sjouwen wel wat speelgoed mee, maar hij is het beu om altijd met hetzelfde te spelen.

Laos

Laos

Wanneer we eenmaal gesetteld zijn, huren we twee bromfietsen om de nabijgelegen grotten en watervallen te bezoeken. Het ritje brengt ons langs afgelegen dorpjes en prachtige landschappen. We arriveren bij de Tha Nam grot waar tientallen Chinese toeristen in groep de grot invaren, om die 10 minuten later weer uit te komen, aan een beduidende kostprijs. Wij bedanken voor deze toeristische val, maar nemen toch een duik in het frisse water.

Laos

Laos

Luang Prabang

1 – 4 februari

Op onze weg naar Vang Vieng kregen we al een voorproefje van wat de natuur ons zal brengen in het noorden van Laos, maar voordat we het walhalla van karstgebergtes en de weelderige vegetatie bereiken, passeren we eerst via Luang Prabang. Deze prachtige stad staat op de Werelderfgoedlijst van UNESCO en is gebouwd rond de samenloop van de Mekong-rivier en de Nam Khan-rivier. Deze rustige stad telt meer toeristen dan lokale bevolking, maar dit belet ons niet om er gewoon van te genieten. We droppen onze reistassen in hotel Silichtih Guesthouse, waar een ruime gezinskamer ons te wachten staat. Aan een schappelijke prijs, het is immers Chinees Nieuwjaar en de meeste hotels verdriedubbelen hun prijzen tijdens deze periode.

Wat ons verblijf in Luang Prabang vooral zal bijblijven is onze ontmoeting met de Antwerpse van Heereveld-familie aan de top van Mont Phousi, een heilige heuvel in het midden van de stad. Zoals altijd spitsen de jongens hun oren als ze andere reizende kinderen tegenkomen; welke taal spreken ze, zijn er broers en zusjes,…? Wanneer ze enkele Vlaamse woordjes opvangen, is het hek van de dam en zoeken ze toenadering. Frederik, Sofie en hun drie kinderen Olivia (11), Gloria (8) en Julian (5) lieten hun hebben en houden achter in Antwerpen en reizen de wereld door op zoek naar avontuur en nieuwe opportuniteiten. De vonk tussen de twee families slaat onmiddelijk over en de kinderen vertellen weerom honderduit over hun reis-ervaringen. Je kan hun avontuur lezen op Polarsteps.
We besluiten om elkaar de volgende dag opnieuw te ontmoeten voor een gezamenlijke traditionele knutselactiviteit; dreamcatcher- en bamboe-weven staat op het programma.

Laos

In het Heuan Chan Heritage centrum worden oude weeftechnieken gedemonstreerd en hier nemen de kinderen (en de ouders) gretig aan deel, met enkele mooie knutselwerkjes als resultaat.
’s Avonds genieten we samen van een Laotiaanse fondue in restaurant Dyen Sabai, aan de oever van de Mekong. Frederik en Sofie vertellen enthousiast over hun avontuur met hun eigen tuk tuk (motorfiets met zijspan). In het zuiden van Laos tikken ze een tuk tuk op de kop en leggen 1000km af van de zuidelijke 4000 eilanden naar de hoofdstad Vientiane. Hun enthousiasme is verslavend en we spreken af dat we voor de helft mede-eigenaar worden van het stalen ros en met de tuk tuk de omgekeerde weg van Vientiane naar het zuiden zullen afleggen. Dit is slow travelling ten voeten uit; reizen op je eigen tempo en gaan en staan (ofte rijden) waar en wanneer je wil. Het openbaar vervoer is dan wel een avontuur op zich, maar soms passeer je in dorpjes of op plaatsen waar je even wil stoppen, waar de bus dan doordendert. Een dikke merci aan Frederik en Sofie om dit avontuur voor ons waar te helpen maken.

Laos

Laos

De volgende dag regelen we een ‘officiële’ tuk tuk naar de watervallen van Kuang Si, op 25 km van Luang Prabang. De plek is echt paradijselijk, de watervallen zijn adembenemend en het water in de turquoise blauwe lagoon is uitnodigend. De jongens slaan de uitnodiging niet af en duiken in het frisse water. Net naast de watervallen is een beren-opvangcentrum, ‘Free the Bears’ is een project die mishandelde zwarte beren opvangt.
Op de terugweg stoppen we even bij een buffelboerderij waar we een heerlijk ijsje op basis van buffelmelk kunnen proeven. Deze met citroengras is echt een aanrader!

De enkele dagen in Luang Prabang gaan snel voorbij en we maken ons klaar om noordelijk te trekken, richting Nong Khiaw, op 140 km van LP.

Laos

Laos

Nong Khiaw

4 – 11 februari

De busrit van Luang Prabang naar Nong Khiaw duurt 6 uur en is even pijnlijk als de rit van Vientiane naar Vang Vieng; vol hobbels en gaten in de weg… We worden weer hevig doorheen geschud, maar het dorp Nong Khiaw maakt veel goed. We arriveren tegen valavond in dit mooi dorp aan de oever van de Nam Ou rivier en aan de voet van majestueuze karstgebergten. Er heerst een kalme en authentieke sfeer.

We installeren ons aan de oever van de rivier bij Sengdao Guesthouse. Aan een zacht prijsje van 8 euro per bungalow, boeken we twee huisjes, met de bedoeling om de Simon en Robin in één huisje te laten logeren en de ouders, samen met Emile, in een ander huisje. Maar dit is buiten de jongens gerekend, ons maandenlang samen leven, eten, slapen,… zorgt ervoor dat ze schrik hebben om in een huisje apart te gaan slapen. Resultaat, ik bevind me in een bungalow met Simon en Stéphanie met Robin en Emile. De romantische avondjes aan de oever van de rivier zullen voor een andere keer zijn…

Alhoewel de logies heel basic zijn, zonder welke luxe dan ook, is het een paradijs voor de jongens. Ze kunnen ravotten in de grote tuin en ze maken huisjes en schuilplaatsen voor de vele kippen en hanen. Hun enthousiasme doet ons even vergeten dat kippen niet de meest hygiënische dieren zijn, vooral niet in Azië, maar de dagelijkse douche en het vele handen wassen zal wel voldoende zijn. Ze hebben nood aan wat kinderlijke vrijheid en we laten dit maar al te graag toe. We profiteren van de rust om hun schoolwerk wat bij te schaven. Het klimaat is nogal uitzonderlijk in deze noordelijke streek; overdag wordt het tot 34 graden en ’s nacht daalt de temperatuur tot 9 graden. Het is lang geleden dat we nog eens een extra deken moesten bijvragen.

Laos

Laos

In de komende dagen vertrekken we op tweedaagse trektocht met onze gids Khun en een vriendelijke bootsman. Om 9u stipt stappen we in zijn klein motorbootje en we vertrekken richting het onbekende. Op het programma staan een paar fikse wandelingen, een klim naar een waterval, een bezoek aan een Khmu-dorp, overnachting bij een gastgezin en een kayak-trip.
De dorpjes stroomopwaarts zijn enkel te bereiken met de boot, waardoor ook de levensnoodzakelijke behoeften op die manier aangevoerd worden. Naast de vele goederenbootjes, kruisen we ook een ‘hospitaalboot’ van UNICEF en een biblio-boot. In deze streek zijn geen ziekenhuizen en we ziek is of een ongeval heeft gehad moet het hebben van lokale geneeskrachtige middeltjes en planten.
Onze eerste halte is een prachtige waterval die we bereiken naar een flinke wandeling van anderhalf uur. Simon en Robin zetten de cadans in en Emile volgt moedig, aan de hand van zijn nieuwe vrienden, gids Khun. Het water bij de waterval is ijskoud, maar is zo uitnodigend na onze lange wandeling in de broeierige zon. Na een frisse duik en een heerlijke picknick stappen we terug en varen verder stroomopwaarts.

Onderweg stoppen we bij een Khmu-dorp, deze bevolkingsgroep leeft vooral in Laos en Thailand en zijn animisten, ze geloven in goede en slechte geesten, die hun huizen, hun dorp, hun oogst beschermen. Er word gezegd dat Khmu-mensen magische krachten hebben, ook hun geneeskunde is gebaseerd op magie en geneeskrachtige planten. Zo ontmoeten we een dorpeling die zijn arm brak na een motorongeval. Zijn arm werd gespalkt met boomschors, geneeskrachtige bladeren en een soort vette zalf. De gemeenschappen worden geleid door de dorpsoudsten; de sjamaan, de medicijnman en priester en het dorpshoofd. Geschillen in het dorp worden besproken op een centrale plaats bij één of meer totems. We worden vriendelijk ontvangen en de kinderen van het dorp nemen de jongens mee voor een privé-rondleiding in het dorp.

Bij valavond gaan Khun, Simon, Robin en ik nog een ommetje maken in de dichte jungle van Laos. Niet veel speciaals, maar de schaduw in het bos zorgt voor de nodige afkoeling. De stijle beklimmingen en het dichte gewas zijn wat te moeilijk voor Emile, die samen met zijn mama aan de oever van de rivier ons staan op te wachten. Het valt ons op dat we maar weinig dieren ontmoeten in de bossen. De gids legt ons uit dat de dorpelingen geduchte jagers zijn en dieren zich diep in het bos verschuilen, ver van de oever van de rivier.

’s Avonds worden we ontvangen bij een gastgezin in een dorp nog wat verder stroomopwaarts. Hier worden de meeste wandelaars die een meerdaagse trek doen opgevangen, maar het blijft een zanderig dorpje met houten hutjes. Door de aanleg van de vele hydro-elektrische dammen in de streek heeft het dorp nog maar 1 jaar elektriciteit. De gastvrouw legt uit dat de dammen een zegen zijn voor deze dorpjes; ze zorgen voor werkgelegenheid en de elektriciteit zorgt ervoor dat ze sneller hun maaltijden kunnen bereiden, hun voeding koel kunnen houden en dat de kinderen ’s avonds nog wat kunnen werken voor school. Ook televisie is een welkome afleiding in deze afgelegen plaatsten.
We genieten van een simpele, maar lekkere maaltijd; vis, gegrilde buffelhuid, gebakken groentjes en ’sticky rice’ (plakkende rijst die zowat alle gerechten in Laos vergezellen). Om 20u30 vallen we in de armen van Morpheus, uitgeput door de fysieke inspanning, in een veel te warme kamer en op een veel te dunne matras…

De volgende morgen, na een ontbijtsoep en wat fruit zetten we onze tocht verder. We varen een stuk stroomafwaarts en beginnen een wandeling van 2u naar een Hmong-dorp. De Hmong zijn afkomstig van China en leven wijd verspreid in zuidoost-Azië. In Laos waren de Hmong bekend als tegenstanders van de regering, zo namen veel van de Hmong deel in de Vietnam-oorlog aan de zijde van de Amerikanen. Uit schrik voor represailles trokken ze zich terug in de noordelijke bossen van Laos, vluchtten ze naar Thailand of naar de Verenigde staten. Tegenwoordig probeert de Laotiaanse regering de Hmong-minderheid te laten samenleven met andere bevolkingsgroepen door ‘gemengde’ dorpen te bouwen. Bij ons bezoek aan zo’n dorp blijkt dat het dorp fysiek opgesplitst is in twee delen, een deel waar Hmong-mensen leven en een ander deel voor de lokale bevolkingsgroep. In het midden van het dorp staat de school, waar kinderen van beide bevolkingsgroepen samen naar de klas gaan. Na een lange wandeling van 3u onder de brandende zon, komen we terug aan de rivier. Weerom wandelt Emile moedig mee. Onze drie-jarige schavuit heeft het onderste uit de kan moeten halen, helaas zal hij enkele dagen later daar de minder leuke gevolgen van dragen…
Bij aankomst aan de rivier liggen enkele kayaks op ons te wachten, om rest van de afvaart naar Nong Khiaw te doen. We slagen erin om enkele kilometers af te varen, maar de fysieke inspanning is te groot en de laatste kilometers laten we ons trekken door onze boot. Onze tweedaagse zit erop; een lastige, maar leerrijke ervaring, zowel lichamelijk als cultureel…

Laos

Laos

De volgende dagen doen we het rustig aan en op de laatste dag willen we ons nog één keer inspannen voor een tocht naar een prachtig viewpoint, hoog in de bergen.

Na een uitputtende tocht van anderhalf uur, met Emile op mijn rug, worden we getrakteerd op een adembenemend uitzicht over het stadje en de omgeving.

Een perfecte afsluiter van ons verblijf in deze mooie streek.

Laos

Laos

The Living Land

De volgende dag gaan we per minivan terug naar Luang Prabang, daar zullen we een deel van onze bagage dat we hadden achtergelaten, terug oppikken en zullen we het vliegtuig nemen richting Vientiane. En vanuit de hoofdstad zullen we onze rit met ‘onze’ tuktuk naar het zuiden aanvangen, een avontuur waar we al een tijdje naar verlangen. In Luang Prabang checken we in bij Namsok Guesthouse en boeken we ons bezoek aan The Living Land., een pedagogische boerderij waar het kweken van rijst in geuren en kleuren wordt uitgelegd. Vooral Robin, de eeuwige nieuwsgierige, is gebrand om deze uitstap te doen.

Laos

Na een uitgebreide lunch tussen de rijstvelden worden we meegenomen voor een namiddag in het leven van een rijstteler. Tussen het zaadje en de eetbare rijstkorrel zijn wel 14 stappen. In ons dagelijks leven staan we er niet bij stil hoeveel werk er steekt in 1kg rijst.

1. De allereerste stap is het selecteren van de goede zaadjes. Alle zaadjes worden in zoutwater gedompeld. Alle zaadjes die boven komen drijven zijn ofwel rot ofwel niet genoeg ontwikkeld. Deze worden als voedsel gegeven aan de kippen en de varkens.

2. De goede zaadjes worden in een kleine bakjes gezaaid, waar ze gedurende 20-25 dagen, uitgroeien tot stekjes.

3. Ondertussen wordt het land klaargemaakt; er wordt water in de paddies (rijstperceel) gelaten en met behulp van buffel Suzan wordt het land omgeploegd.

4. Vervolgens worden de stekjes per 3-5 in het rijstveld geplant. Na 3 maanden verschijnen de rijstkorrels op de plantjes.

5. De plantjes moeten onderhouden worden en onkruid wordt gewied. Het onkruid wordt tot een bal gevormd en terug onder de grond gestopt, als compost.

6. Na 3 maanden kan er geoogst worden. Hiervoor wordt het water uit het rijstveld gelaten. Het oogsten is heel arbeidsintensief en wordt door alle dorpelingen samen gedaan, ongeacht van wie het perceel is. De geoogste halmen worden in bundels samengebonden en drogen nog twee weken op het droge veld.

7. Nadat de oogst werd binnengehaald worden de rijstkorrels van de halmen gescheiden.

8. Daarna wordt een selectie gemaakt van de beste rijstkorrels. Met behulp van grote waaiers worden de goede van de slechte korrels gescheiden. De goede korrels wegen zwaarder en blijven liggen, de slechte korrels zijn hol en licht en vliegen weg.

9. Vervolgens wordt de rijst vanuit de bergen naar het dorp gebracht. Hiervoor zijn er verschillende draagmanden, elk volk heeft zo zijn eigen manier om rijst te transporteren.

10. De korrels worden gestampt met een ingenieus toestel. Hierdoor komt het hard omhulsel los van de korrel.

11. Dit omhulsel wordt gebruikt voor rijstwijn.

12. De rijst wordt gedurende enkele uren geweekt in water en wordt gespoeld.

13. De rijst wordt klaargemaakt; 10 minuten stomen, omroeren en nog eens 10 minuten stomen.

14. Omdat 13 een ongeluksgetal is, verzonnen ze een 14e stap; het eten van rijst en rijstproducten; rijstekoeken, rijstsnoepjes en rijstwijn.

Laos

Vientiane

Ondertussen heeft Emile een nieuw speelvriendje gevonden; een kat. De liefde is niet wederzijds hij bijt Emile in de hand. We wassen het wondje uit en dienen de eerste zorgen toe. We nemen het zekere voor het onzekere en beslissen om hem de extra injecties tegen hondsdolheid te laten toedienen. Maar dit is hier in de buurt niet zomaar voor handen.

Gelukkig gaan we de volgende dag naar de hoofdstad, Vientiane, waar een goed uitgerust internationaal ziekenhuis is. De avond voor het vertrek heeft Emile koortsaanvallen tot 38,5°C. Na een lange, onrustige nacht, vertrekken we ’s morgens richting Vientiane, waar de reisverzekering een afspraak maakt in het ziekenhuis.
De vlucht duurt amper 50 minuten, maar dit spaart ons toch anderhalve dag busreis uit van Luang Prabang, over Vang Vieng, naar Vientiane.

Laos

Aangekomen in Vientiane, droppen we onze bagage af bij Vientiane Garden Boutique (hetzelfde hotel als enkele weken eerder) en haasten ons naar het ziekenhuis. In samenspraak met de arts van de verzekering zal hij twee extra booster-injectie krijgen, met drie dagen tussen de twee injecties. Maar zolang Emile nog koorts heeft, wordt er geen injectie toegediend en moeten we enkele uren wachten. Het ziekenhuispersoneel is super aardig en ze nemen zelfs de tijd voor een paar selfies met ‘falang noy’ (kleine buitenlander). Ondertussen nemen we contact op met het Erasmus-ziekenhuis in Brussel,, waar de jongens hun prikjes kregen voor ons vertrek (hepatitis A en B, hondsdolheid, tetanus,…). De dokter raadt ons aan om ook een extra malaria- en dengue-test te laten uitvoeren. Vooral de trek van de vorige dagen, het verblijf in een rudimentair gasthuis en de tocht door de jungle, verhoogt de kans op muggenbeten. De tests blijken gelukkig negatief te zijn, maar de bloeduitslag wijst toch uit dat Emile wat tekort heeft aan ijzer. Hij is geen grote liefhebber van de Aziatische keuken en buiten rijst, kip en groenten heeft hij te weinig rood vlees gegeten de laatste weken. Resultaat; een licht regime van rood vlees, hamburger en steak (met frietjes). Daar zal hij niet minder tevreden van worden…

’s Avonds ga ik, samen met Simon en Robin, de lang verwachte tuktuk ophalen in een naburig hotel. De tuktuk is nog mooier dan op de foto’s die we zagen en was mooi gedecoreerd door de kids van de Vlaamse familie van wie we de tuktuk voor de helft overnemen. Er hangen leuke mandjes aan voor de schoenen en andere spullen en er is een dak, die ons moet beschermen tegen de zon. Dit wordt een echt avontuur.
Bij terugkomst in het hotel begint Robin ook koorts te krijgen en heeft hij last van zijn maag. Na 48 uur koorts, overgeven en krampen, gaan we terug naar hetzelfde ziekenhuis. Ook bij Robin zijn de malaria- en dengue-tests negatief, maar hij heeft last van een virus. Ook Robin moet een paar dagen rusten.
Alhoewel we uitbundig waren bij het ophalen van onze toekomstige reiscompagnon, heeft de tuktuk de eerste dagen vooral gediend om ‘de zieken’ naar het hospitaal te voeren, voor apotheekbezoekjes en de ritjes naar de winkel om eten te halen.

Laos

De Thakhek-loop

19 – 26 februari

Na enkele dagen is iedereen weer in topvorm en kan ons tuktuk-avontuur beginnen. We plannen om van Vientianne naar het zuiden te rijden en om twee loops te doen; de Takhek-loop, die ons in het binnenland van Laos, langs diepe grotten, machtige watervallen en pittoreske karstenbergen, zal brengen. De tweede loop is door het Bolavenplateau, tussen de koffieplantages, waar ik vooral naar uitkijk. Voor de rit van ongeveer 1000 km nemen we ruim 15 dagen. Deze manier van slow travel is echt iets voor ons, op het gemak reizen, stoppen waar en wanneer we willen en zoveel mogelijk in contact komen met de lokale bevolking. We proberen om maximum 150 km per dag te doen, met af en toe een paar dagen rust.

De tuktuk is robuust, goed uitgerust en de scooter is zo goed als nieuw en goed onderhouden. Dit wordt ons rijdend huis voor de komende weken. Wat we met het stalen ros gaan doen bij aankomst in het zuiden, is nog een raadsel. Het is quasi onmogelijk om met het toestel de grens van Cambodja over te steken, maar de mogelijkheid bestaat om de tuktuk door te verkopen aan een liefhebber in het zuiden. Zorgen voor later.

De kinderen nestelen zich in de tuktuk, bovenop de bagage kunnen ze zitten of liggen. Ze luisteren naar muziek of kijken urenlang naar de landschappen die we passeren. Ze groeten de vele passanten, achterliggers en mensen langs de weg.

De eerste rit van Vientiane richting Paksan is weinig interessant, een lange eentonige weg zonder veel mooie landschappen. We overnachten in BK Guesthouse en de volgende morgen zetten we onze rit verder naar Vieng Kham, zo’n 90km en we arriveren eindelijk in een streek met mooie berglandschappen en kleine dorpjes. We brengen onze nacht door in Kamphone Keokhamphan Guesthouse. ’s Avonds gaan we eten in een plaatselijke karaoke-bar, een ‘culturele’ activiteit die hier echt wel leeft. Alhoewel sommige liefhebbers maar moeilijk de toon kunnen houden, wagen we er zelf niet aan om een noot mee te zingen.

Laos

Vanaf Vieng Kham begint de eigenlijke Takhek-loop, rustige wegen door de bergen, stoffige dorpjes en eindeloze natuur. We stoppen regelmatig om ons buikje te vullen en dag te zeggen aan de dorpelingen. We kruisen fietsende kinderen, boeren en locals, die ons allen uitbundig toewuiven of een dikke duim opsteken.

De weg naar Konglor is één van de mooiste ritten die we zullen doen op deze loop; prachtige karstlandschappen, groene rijstvelden en het ene dorpje al meer verlaten dan het andere. Karstbergen zijn geografische verschijnselen waarbij water het kalkgesteente gedurende jaren aangetast heeft, hierdoor verschijnen kilometers lange grotten, zoals de Konglor-grot, die een rivier vormt onder de berg door van wel 7,5 km lang.

In Konglor logeren we bij Konglor Eco Lodge, op 800m van de grot en in het midden van tabaksvelden. Er is weinig eco aan het guesthouse, maar we eten er heerlijk en ontmoeten meerdere reizigers die ook The Loop afleggen. Zo leren we Hintha en Itcha kennen, twee jonge vrouwen die hun reis wijden aan het milieuvriendelijke doel. Ze vermijden elke vorm van plastic en sensibiliseren andere reizigers om hetzelfde te doen. Ze hebben een arsenaal aan aluminium rietjes en herbruikbare voedselverpakking mee en ze doen ons een aantal rietjes cadeau, welke we veelvuldig kunnen gebruiken voor de vele fruit shakes die we dagelijks drinken.

Laos

Laos

De volgende dag bezoeken we de Konglor-grot. Voor de grot ligt een natuurlijk meer dat ons uitnodigt om een frisse duik te nemen, wat we ook de komende dagen meerdere keren zullen doen. Het is erg warm deze tijd van het jaar.

De Konglor-grot is een rivier-doorgang van 7,5km onder een enorme berg. De legende zegt dat de bewoners van de dorpen aan beide kanten van de berg de doorgang ontdekten toen een familie eenden aan de gootuitgang stroomafwaarts verschenen. Zo wisten ze dat die eenden van de andere kans moesten komen. Beide dorpen wisten val elkaars bestaan af, maar de handel tussen die twee gebeurde langs bergpassen, wat 1 dag duurde. De nieuwe waterverbinding werd pas ontdekt in 2005 en zorgt voor een verbinding van minder dan één uur.

We huren een boot en schipper en laten ons in het duister leiden door het water. Het is indrukwekkend te zien hoe de bootsman zijn weg vindt door zich te fixeren op vaste ankerpunten; een stalagmiet, een hoek van een rots, een inkeping in de rotswand. Telkens opnieuw wijst de lichtbundel van zijn frontale lamp naar nieuwe ijkpunten. Sommige plaatsen zijn enkele tientallen meter hoog en vormen kathedralen in de grot, op andere plaatsen moeten we ons bukken.
Tweemaal moeten we het bootje uit omdat het water te ondiep is en trekken we het bootje over de hindernis. Na een dik half uur zien we licht verschijnen en arriveren we aan de andere kant van de berg, op een idyllisch mooi plaatsje met was winkeltjes en spelen de lokale kinderen. Simon en Robin kunnen het niet laten en springen het frisse water in. Het is mogelijk om wat verderop een dorp te bezoeken of de een fiets te huren om de omgeving te verkennen. Wij houden het op een zwempartijtje aan de oever en nemen 2u later de boot terug richting ‘bewoonde wereld’.

Laos

Laos

We genieten van de rust in Konglor en zetten na enkele dagen onze reis verder door de Khammouane-provincie. We de rijden door rijst- en tabaksvelden, karstheuvels en kleine dorpjes. Vandaag brengt onze tuktuk ons naar Thalang. Na een paar lastige bergbeklimmingen en -afdalingen komen we in een vreemd landschap van dode bomen in een gigantische watervlakte; het plateau van Nakai. Dit unieke landschap werd gecreëerd door de aanleg van een hydro-elektrische dam enkele kilometer verderop. Een gebied van 450 km2 werd overstroomd en dient als reservoir voor de dam. Hiervoor moesten 6300 mensen verhuizen in kwam hun job als visser in het gedrang. Het plateau herbergde ook enkele unieke diersoorten; tijgers, olifanten en apen. Deze werden verderop in de bergen gedreven en niemand weet of ze al dan niet overleefden. De dam is de grootste internationale investering ooit in Laos en ook het toenmalige Fortis investeerde in het project. De bouw van de dam en het beheer is ondermeer in handen het Franse EDF. Het omstreden project levert vooral elektriciteit aan Thailand.

We verblijven enkele dagen in Sabaidee Guesthouse, aan de oever van het reservoir. Elke avond wordt hier een bbq gehouden en kunnen de reizigers die de Thakhek-loop doen uitgebreid hun verhalen vertellen en tips doorspelen. Voor amper 5 euro doen we ons te goed aan brochettes, frietjes, pizza en zelfs een appelcake als dessert. Rond een biertje en een frisdrank maken we kennis met 2 Britse fietsers, een Franse familie die al 9 jaar aan het reizen is en twee sympathieke jonge Vlamingen; Robrecht en Phebe. De jongens hebben blijkbaar nood aan een Vlaamse gesprekspartner en vertellen honderduit over hun ervaringen. Ze hebben sterretjes in hun ogen als ze fier hun reis doorheen Azië kunnen vertellen.

Laos

Laos

Thakhek

De volgende morgen vertrekken we voor onze laatste stop van de Thakhek-Loop; de stad Thakhek zelf. Hiervoor moeten langs een drukke weg; we bevinden ons op een route vol vrachtwagens, bussen en minibussen die goederen en toeristen van en naar Vietnam en Thailand brengen. De politie vertelt ons later dat er dagelijks 800 vrachtwagens langsrijden. Het is langs deze weg dat we een aanrijding hebben met een minibus.

Het is 11u20. Emile en Robin liggen te slapen in de tuktuk. Simon ziet alles gebeuren. Een minibus achter ons doet een bruusk inhaalmanoeuvre om ons in te halen. De minibus daarachter merkt ons te laat op en gooit alle remmen dicht. De bus begin te slippen en komt rechts naast ons rijden, de chauffeur heeft geen controle meer over het stuur en de minibus ramt ons aan de rechterkant. Ons wiel breekt en de tuktuk duikt voorover en komt op het dak terecht. Stéphanie en ik reageren onmiddelijk, we grabbelen recht en in een fractie van een seconde kijken we elkaar aan en merken we dat we ok zijn. De volgende seconde helpen we Simon en Robin vanonder de bagage. Emile ligt nog op de grond, onder de bagage. Met behulp van de buschauffeur zetten we de tuktuk recht en kunnen we Emile uit zijn hachelijke positie halen. Hij is in shock en zijn kin zit onder het bloed.
Terwijl Stéphanie en de kinderen in de berm aan het bekomen zijn, komt de politie aangereden. Ze zetten de straat af en zeggen dat ik via de verzekering een tolk moet regelen. Het is nacht in België en een tolk Engels-Laotiaans regelen is geen makkelijke opdracht. Na een paar vergeefse telefoontjes geef ik het op en begeef me naar de kinderen.

De politie begrijpt dat Emile gewond is en brengt ons allen naar het plaatselijk ziekenhuis. We gooien de bagage in de achterbak en laten de tuktuk achter. Emile wordt onmiddelijk geholpen; hij heeft een snijwonde in zijn kin en moet gehecht worden. De arme deugniet houdt zich sterk terwijl hij zonder verdoving twee draadjes in zijn kin krijgt. De emoties worden ons teveel en de kinderen kunnen hun tranen nie laten. Ons hart breekt en allerlei scenario’s spoken door ons hoofd; waren we onoplettend? Namen we een te groot risico? Zijn er geen interne verwondingen? We kunnen in ieder geval in deze ziekenpost niet blijven; hiervoor is de uitrusting te rudimentair en we hebben allen een uitgebreide check-up nodig.

De reisverzekering raadt ons aan om zo snel mogelijk naar Thailand te gaan om daar, net over de grens, naar een internationaal ziekenhuis te gaan. Ze kunnen reeds vervoer regelen, maar daar denkt de politie anders over. We moeten met z’n allen naar het politiekantoor, eerder politiehut en het duurt wel 5 uur om alle papieren in te vullen, te onderhandelen met de verzekering van de tegenpartij en het nodige ’smeergeld’ voor de politie. Ik kom er vanaf met 25 dollar, en krijg 3 dollar korting omdat ik een internationaal rijbewijs heb. De tegenpartij moet 300 dollar ophoesten, een paar maanden loon. We komen tot een deal dat ik geen klacht indien, dit duurt maanden en ik zou een advocaat uit Laos moeten aanstellen. Daarenboven mag de plaatselijke verzekering wettelijk maar tot 100 dollar uitbetalen. Omdat ik geen klacht indien, eis ik de vergoeding van de medische kosten van Emile, een herstel van de tuktuk en vervoer naar Thakhek, aan de grens van Thailand.
De tuktuk is inmiddels hersteld en is spreek af dat de tegenpartij ervoor zorgt dat de driewieler naar het zuiden wordt gebracht, naar een potentiële koper. Wij, en vooral de kinderen, zien het voorlopig niet zitten om met de tuktuk verder te reizen.

We zijn op 80 km van Thakhek en om 19u komen we aan in hotel Villa Thakhek. We meten de schade op; Emile heeft een snijwonde in zijn kin, Simon en Robin wat builen en kneuzingen, Stéphanie heeft een gezwollen been en rugpijn. Ik heb pijn in de borststreek en ook rugpijn. We hebben de volgende morgen een afspraak in het ziekenhuis net over de grens. Waar we nu nood aan hebben is een goeie nachtrust.

2 reacties

  1. Reactie van Lieve huys

    Avatar

    Lieve huys Reageer 23 februari '19 om 09:10

    “Al” of “nog maar” halfway?

  2. Reactie van Annemie Huys

    Avatar

    Annemie Huys Reageer 10 maart '19 om 18:27

    Zo boeiend!!! Wat een leerschool, zo veel ervaringen. Zou onmiddellijk jullie reis willen nadoen …
    Vele lieve groeten
    tante Mie

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Ga naar boven