Australië

10 mei - 15 juni

Roadtrip door Australie

10 mei

Welkom in Perth

We arriveren goed op tijd op de luchthaven en vliegen met low cost maatschappij Air Asia van Ho Chi Minh naar Perth, in het westen van Australië. De lagekostenmaatschappij doet zijn naam alle eer aan; er wordt zelfs geen glaasje water aangeboden tijdens de lange vlucht… Met een kleine jetlag komen we ’s morgens aan in Perth.
De jongens weten nog altijd niet dat we ‘stiekem’ naar Australië gevlogen zijn, ze denken dat Perth een tussenstop is tussen Vietnam en Hong Kong. Wanneer we langs een gigantische foto van een kangoeroe lopen valt hun frank; Australië is onze nieuwe bestemming. Vooral Robin is uitbundig, hij droomt al lang van het land van de kangoeroes.

Australië ontwaakt en het is rustig in de luchthaven van Perth. Het land staat bekend om zijn uitgebreide veiligheidscontroles; zo is voeding binnen brengen verboden, uit vrees voor besmetting van de lokale kweek. Bij de douane worden we in een rijtje gezet terwijl we door een hond worden besnuffeld op zoek naar verboden goederen. De jongens zijn onder de indruk, de veiligheid in sommige luchthavens in Azië is soms een lachtertje, hier is het andere koek.
Maar ook het klimaat is anders dan in Azië, wanneer we buiten op onze ‘Uber’ wachten moeten we voor het eerst in lange tijd een trui bovenhalen. Het is 14°C, een fris herfstweertje.
Wanneer we in onze guesthouse aankomen glippen we onder de warme dekens, na de lange vlucht hebben hebben nog een paar uur rust nodig. De jongens zijn uitgelaten en blij dat we in een westers land aangekomen zijn, ver van het drukke en vermoeiende Azië. Nieuwe avonturen staan hen te wachten.

11 & 12 mei

Belgische reisvrienden in Jurien Bay

Perth – Jurien Bay : 262km
Camping : Sandy Cape Rec Park

De volgende dag gaan we naar verhuurfirma Apollo om onze campervan op te halen. Het duurt wel even voor we met onze tijdelijke woning kunnen wegrijden. Het papierwerk, de demonstratievideo over hoe alles werkt, de juiste verzekering, de inventaris, enz. duurt wel twee en een half uur. De jongens zijn in hun nopjes en kunnen niet wachten om te vertrekken. Onze eerste halte is Jurien Bay, waar onze Belgische reisvrienden ‘5_ontheroad’ ons staan op te wachten.

De route naar Jurien Bay loopt langs de westkust en is prachtig, maar veel tijd om te treuzelen is er niet. Gezien we wat laat vertrokken zijn moeten we proberen om voor zonsondergang (17u30) de camping te bereiken. Het wordt afgeraden om na zonsondergang te rijden, gezien de kans groot is dat een kangoeroe je weg kruist. De eerste kangoeroes die we zien zijn dan ook de karkassen van aangereden dieren. Net op tijd arriveren we op de camping, waar de 3 jongens van 5_ontheroad, Oscar, Kamiel en Jef ons enthousiast staan op te wachten. We ontmoetten hen voor het eerst in Maleisië en onze 3 jongens konden het goed vinden met hun nieuwe vriendjes. Ook tussen de ‘oudjes’ sloeg de vonk over en al gauw planden we om elkaar terug te zien. Australië is de plaats bij uitstek, het Gentse gezin toert al 3 maanden door dit land en we krijgen hopen advies en tips om onze trip onvergetelijk te maken.

Sandy Camp Rec Park is een kleine camping prachtig gelegen aan de oceaan, omringd door witte zandduinen. Het panorama dat de baai ons ’s morgens bij zonsopgang biedt, is magisch. We genieten van de zon en de frisse lucht van dit seizoen. Er zijn maar weinig mensen op de camping, maar net genoeg voor de jongens om een show te improviseren. Ze repeteren de ganse namiddag, maken uitnodigingen en nemen het heel serieus. ’s Avonds genieten ze van de belangstelling van de andere gasten.

13 & 14 mei

Fremantle en schattige quokka’s in Rottnest Island

Jurien Bay – Fremantle : 284km
Camping : Discovery Parks – Cogee beach

Enkele dagen later vertrekken we samen richting Fremantle, een kuststadje net onder Perth. Tom en Stéphanie stellen voor om een dagje naar Rottnest Island te gaan, op 30 minuutjes varen van Fremantle. Rottnest Island is vooral beroemd voor de quokka’s die er wonen. Het kleine diertje is weinig bekend in Europa en is al even mysterieus als aantrekkelijk. Op zijn sympathieke gezicht staat altijd een glimlach en het laat zich gemakkelijk benaderen, wat het dier een uitstekende selfie-compagnon maakt. De quokka is een wallaby, een soort kangoeroe en er verblijven bijna 11000 exemplaren op het eiland.

Het kleine eiland is perfect te doorkruisen met de fiets (die je best vooraf reserveert samen met de tickets van de boot). Onderweg maken we verschillende stops en naast de tientallen quokka’s ontdekken we ook zeeleeuwen die baden in de zon. In de late namiddag nemen we een duik in het koude water, snorkelen zal voor een andere keer zijn ;-) Wanneer we terugvaren richting vasteland moeten we jammergenoeg afscheid nemen van onze vrienden. Wij reizen verder door Australië en Tom, Stéphanie en kids trekken naar Hong Kong.

15 – 17 mei

Op weg naar Margaret River

Fremantle – Margaret River : 315km
Camping : Big Valley Campsite

Na een rustige nacht pakken we ons boeltje bijeen – wat niet veel tijd vraagt met een campervan. Het is wel altijd opletten geblazen dat de watertoevoer en de elektriciteitskabel losgekoppeld zijn, er zijn ludieke verhalen van campers die met de ganse elektriciteitspaal vertrekken… Ik moet nog wat wennen om met een groot gedrocht rond te rijden, op de linkerkant van de rijbaan. Onze camper meet meer dan 7 meter en is 3 meter hoog, opletten dus voor bruggen en ondergrondse parkings… Vandaag rijden we richting zuiden, naar Margaret River, een trip van 315km. Op enkele kilometers van het stadje Margaret verblijven we op Big Valley Campsite, een farmstay. Hier worden meer dan 2000 schapen gekweekt. We arriveren ruim voor zonsondergang én op tijd om de schapen te voederen. De farmstay ligt midden tussen de velden en we hebben een prachtig uitzicht op de vallei.

De streek rond Margaret River is een uitstekende regio voor verschillende uitstapjes. Zo bezoeken we Wonky Windmill Farm, een boerderij met alpaca’s, pony’s en kangoeroes. Ietsje verder langs de kust rijden we langs Surfers Point, een beroemde en beruchte surfplek. In het meest zuidwestelijke punt van Australië gaan we een kijkje nemen naar de vuurtoren van Kaap Leeuwin, genoemd naar de boot van de Nederlands vloot die deze plaats voor het eerst in kaart zette. We krijgen uitgebreid uitleg over de geschiedenis van de vuurtoren en wat de plaats speciaal maakt is dat hier de Zuidelijke Oceaan en de Indische Oceaan elkaar ontmoeten, wat voor gevaarlijke stromingen zorgt.

Hoe meer zuidelijk we rijden, hoe lager de temperaturen. Gelukkig kunnen we ons opwarmen bij een kampvuur en kunnen we ons buikje vullen met een heerlijk stuk lamsvlees, vers van bij de farmstay.

18 mei

Denmark

Margaret River – Denmark : 370km
Camping: Cosy Corner Camp Ground

Enkele dagen later vertrekken we voor een lange trip naar Denmark. We hebben 370 km voor de boeg. We hebben in het totaal zo’n 6000km af te leggen tot in Sydney, dus zijn er dagen dat er wat langere ritten op het programma staan. Onderweg maken we enkele tussenstops om te eten of om iets te bezoeken. Na de lange ritten lassen we enkele dagen rust in op een campground. Als je van Perth naar Sydney eist langs de zuidkust, dan passeer je langs Nullarbor, een gigantisch grote lege vlakte waar één lange weg doorloopt.

Onderweg naar Denmark maken we een halte bij de Valley of the Giants in het Walpole-Nornalup national park. Deze attractie bestaat uit een zeshonderd meter lang wandelpad tussen de boomtoppen op veertig meter hoogte. Indrukwekkend om door de kruinen van de eucalyptusbomen te lopen. Eén van de oudste bomen ‘Grandma Tingle’ is 400 jaar oud en lijkt op het gezicht van een oud vrouwtje. Sommige stammen zijn echte kleine grotten, weggevreten door schimmels en parasieten, of beschadigd door bosbranden, die heel gewoon zijn in het gebied.

19 mei

Bremer Bay

Denmark – Bremer Bay : 269km
Camping : Bremer Bay Caravan Park

Tijdens onze rit naar Bremer Bay houden we een halte bij Torndirrup National Park met zijn ‘blowholes’ (gaten in rotsen waardoor opkomend zeewater spuit) en een natuurlijke boog gevormd door de wind en het geweld van de golven. De jongens houden van het overweldigend spel van wind een water.

De uitdaging van elke dag is om bezoekjes te plannen en de reis voort te zetten, alles voordat de zon ondergaat. De schemering en de koplampen van de wagens lokken de kangoeroes op de weg. Elke honderd meter zien we wel een kadaver van een kangoeroe die aangereden werd. Vele wagens hier zijn uitgerust met een ‘bull bar’ waartegen de kangoeroes maar weinig kans hebben, om nog maar te zwijgen van de enorme road trains; vrachtwagens met 3 aanhangwagens die met een snelheid van 110km/u over de wegen denderen.

Bij reizen horen ook nieuwe ontmoetingen. We installeren onze mobilhome voor enkele nachten in Bremer Bay Caravan Park. Onze buren, Jim en Diana zijn heel gastvrij en tonen onmiddelijk geïnteresseerd in onze route. Jim en Diana behoren tot de ‘grey nomads’, gepensioneerde Australiërs die het land doorkruisen met hun woonwagens. De meeste grey nomads zijn goed uitgerust en sleuren hun ganse hebben en houden mee in grote dubbelassige caravans. Ze hebben geen vaste reisbestemming en genieten van de weg naar en het verblijf op de campgrounds. Jim neemt ons de volgende ochtend mee in zijn jeep om de omgeving te verkennen. De voormalige politieman uit Perth komt hier regelmatig en kent de omgeving als zijn broekzak. Hij toont ons enkele ‘hidden gems’; verlaten stranden en een uitgestrekt zoutmeer.
’s Avonds zitten we gezellig rond het kampvuur en kunnen de jongens hun Engels wat oefenen. Ook hier zijn de avonden fris en profiteren we van de elektriciteitsaansluiting om de verwarming op te zetten. Onze mobilhome is voorzien om drie dagen autonoom te draaien op de interne batterij voor licht, waterpomp en sanitair. Zo kunnen we enkele dagen zelfvoorzienend op ‘free campgrounds’ staan. Maar de verwarming werkt enkel als we aangesloten zijn op het net, daarom gaan we meer en meer op zoek naar campings met water en elektriciteit.
Onze ontmoeting met Jim en Diana is helaas veel te kort en twee dagen later zijn we al weer op weg richting oosten. We hebben nog wat kilometers af te leggen en Jim fluistert ons nog enkele tips en tricks in onze oren.

21 – 22 mei

Eerste echte ontmoeting met kangoeroes

Bremer Bay – Esperance : 476km
Camping : Lucky Bay Campground

Naar de volgende halte hebben we echt naar uitgekeken: Esperance en meer bepaald Lucky Bay. Een plekje met ongerepte natuur en kangoeroes op de koop toe. We komen aan bij valavond, maar ’s morgens bij het ochtendgloren ontdekken we deze prachtige omgeving. Een baai met hagelwit zand, omringd door prachtige heuvels. De temperatuur van het zeewater is net warm genoeg om een frisse dik te nemen in het transparante water. In de verte zien we een groep dolfijnen door het water glijden. Een uniek moment dat we niet kunnen vastleggen met foto’s, maar wel voor altijd in ons geheugen gegrift staat. Al reizend hebben we geleerd dat het leven uit een aaneenrijging van momenten bestaat en niets oneindig is. Carpe Diem is dé boodschap dat we meegekregen hebben. Bij het middageten krijgen we het bezoek van enkele kangoeroes die zich makkelijk laten benaderen. Het is voor de eerste keer dat we de zachte vacht van dit prachtige beest kunnen strelen.De volgende dag maken we een lange wandeling in Cap Le Grand National Park; een tocht langs de kustlijn met enkele mooie uitkijkpunten.

23 – 26 mei

Nullarbor – verlaten snelweg dwars door Australië

Dag 1 : Esperance – Balladonia : 429km / Camping : Balladonia Hotel Motel
Dag 2 : Balladonia – Eucla : 520km / Camping : Eucla Motor Hotel
Dag 3 : Eucla – Ceduna : 517km / Camping : Big4 Ceduna Tourist Park
Dag 4 : Ceduna – Port Augusta : 481km / Camping : Shoreline Caravan Park

De route die ons vandaag en de komende dagen te wachten staat zal lang en eentonig zijn, maar wel eentje die als de meest avontuurlijke routes ter wereld beschreven staat. Het gaat over Eyre Highway. Een lange weg noodzakelijk te nemen als je van west naar oost reist. De route is 1670 km lang en begint bij Norseman en loop tot in Port Augusta. Een groot stuk van de weg loopt door Nullarbor, een ongerepte vlakte, droog, onherbergzaam en zo goed als geen bomen. De term “Nullarbor” komt immers van de Latijnse woorden ‘nullus’, nul en ‘arbor’, boom.
In de zomer kan de dagtemperatuur tot 50 graden oplopen en ’s nachts is het er erg koud, net als in de woestijn. We hebben deels wat vrees om deze route te rijden, er zijn immers verhalen van reizigers die hun wagen moeten achterlaten en een kwartier later uitgedroogd instorten. Maar het maakt deel uit van ons avontuur en we zijn goed voorbereid. We hebben grote voorraden water mee, genoeg voedsel, veel goesting en zijn vooral benieuwd. Een stuk van Eyre Highway staat ook bekend als de langste, bochtloze weg van Australië; zo’n 146,6km. Door deze dorre vlakte rijden, langs een eentonige weg kan slaapverwekkend zijn, maar we hebben onze ‘Route 66-playlist’ klaar en streven ernaar om elke twee uur een moment van rust in te lassen en te wisselen van chauffeur.
Onderweg zijn er genoeg ‘road houses’ die voor proviand en benzine kunnen zorgen. Benzine is hier wel een stuk duurder, gezien het zo afgelegen is. Bij de meeste road houses kan je ook op hun parkings overnachten; eerder primitief, maar veilig en met basisvoorzieningen.

Alhoewel het een route is langs een dorre vlakte kruisen we toch veel dieren, en niet alleen de karkassen van aangereden kangoeroes (Simon telt er 88 op 5 minuten). Onderweg zien we heel wat emoes, prachtige grote roofvogels, rode, gele en groene papegaaien en een statige witte dingo. Naar het schijnt zwerven er ook Afghaanse kamelen rond, die hier vroeger als transportmiddel gebruikt werden, maar we hebben er geen ontmoet. We ontmoeten wel veel moderne transportmiddelen; vooral de road trains: vrachtwagens van meer dan 20 meter die 2 of 3 trailers trekken. Regelmatig kruisen we andere reizigers en de wegcode is een handgebaar, een beetje zoals de motards bij ons; best leuk. De weinige dorpen die we doorrijden bestaan uit een benzinestation, annex winkel en 2 of 3 huizen. Deze dorpen liggen ongeveer 200km van elkaar. Het is moeilijk te begrijpen waarom mensen de keuze maken om zo afgelegen te gaan wonen. In België gaan we boodschappen doen op zaterdagvoormiddag, hier duurt dit het ganse weekend…

Gedurende de lange ritten moeten de jongens zich zo goed als kwaad mogelijk bezighouden. In de motorhome moeten zo ook een veiligheidsgordel dragen, dus zijn ze ‘gekluisterd’ aan hun stoel en tafel. Ze tellen de dode kangoeroes, kijken naar films op hun tablet, luisteren muziek of spelen met het weinige speelgoed dat ze meenamen. Soms hebben ze het wat moeilijk om lang stil te zitten, gelukkig kunnen ze hun benen en armen strekken op de vele ‘playgrounds’ die her en der in de dorpen ingeplant werden. Langs Nullarbor zijn deze wat minder goed uitgerust, maar in de andere streken waar we langsrijden zijn de speeltuinen uitgerust met propere toiletten, gasbarbecues en leidingwater. Toch genieten de jongens van hun mobiel huis, dat we niet om de 2-3 dagen de reistassen moeten inpakken om naar een ander hotel/guesthouse te gaan doet hen veel plezier. Waarschijnlijk schatten wij dit als volwassenen anders in, een nieuw hotel betekent een nieuwe spannende locatie, maar voor de kinderen kan dit soms zwaar doorwegen.

27 – 28 mei

Op weg naar Adelaide – Mount Remarkable

Port Augusta – Adelaide : 280km
Camping : Belair National Park & Mambray Creek Campground

Eenmaal de Eyre Highway achter de rug begint het weer om te slaan. We rijden naar het zuiden, richting Adelaide, door de regen. We slaan ‘onze tenten’ op in campground Belair National Park, hier willen we het park bezoeken en onze eerste koala’s ontmoeten. Het regent echter de ganse dag door, er waait een gure wind en de voorspellingen voor de volgende dagen zien er niet beter uit. Echt herfstweer zoals we in België kennen. We besluiten om terug naar het noorden te reizen, waar de voorspellingen milder zijn. Dit wil zeggen dat we de Great Ocean Road van ons programma moeten schrappen, maar we horen van andere reizigers dat de outback ook heel wat te bieden heeft. Broken Hill, White Cliffs en Warrumbungle National Park worden hoog aangeschreven door de doorwinterde lokale reizigers.
Onze eerste stop is Mount Remarkable, een berg en natuurpark in de Flanders Range tussen Adelaide en Broken Hill. We overnachten in Mambray Creek Campground. Hier staan ons een paar mooie wandelingen te wachten in de prachtige natuur. Langs onze route rijden we honderden kilometers langs een lange stalen buis. Deze regio heeft soms te kampen met lange droogtes en een kilometerlang buizenstelsel zorgt voor de aanvoer van water. Indrukwekkend.
We ontdekken ook een oude begraafplaats waar de eerste kolonisten in deze regio begraven liggen. Dit zijn Duitse families en de jonge leeftijden op de grafzerken getuigen van een hard en moeilijk bestaan.

29 – 30 mei

Routewijziging; we verlaten de zuidkust en gaan op zoek naar mysteries in de Outback.

Adelaide – Broken Hill : 551km
Camping : Starview Primitive Campsite

Broken Hill is een gezellig stadje in het midden van de woestijn. Hier leven ongeveer 21.000 inwoners. De stad is vernoemd naar een nabij gelegen heuvel waar zilver, koper en lood ontgonnen werden. Broken Hill is een van de eerste mijnstadjes van Australië.
De stad ontstond in de jaren 1850 en kende een spectaculaire groei na de ontdekking van een goudader. Het is niet het goud dat de verdere ontwikkeling van de stad zal verzekeren, maar de exploitatie van zilver. In Broken Hill zijn enkele leuke spots om te bezoeken; de Flying Doctors hebben hier een bezoekerscentrum en ook de oude mijn is een bezoekje waard.

Op enkele kilometers van Broken Hill ligt Silverton, een bijna verlaten dorp met een rijke geschiedenis. Ook hier werd zilver ontgonnen. Het dorp wordt soms omschreven als spookstad, maar hier leven nog een paar mensen, die vooral van toerisme leven. Sommige gebouwen lijken zo uit het Wilde Westen te komen. Ook de onherbergzame, donkerrode landschappen en de spectaculaire wisseling van kleuren gedurende de dag maken van Silverton een geschikte opnamelocatie voor commercials en films. Zelfs enkele kaskrakers werden hier gedraaid, zoals Mad Max 2. Het Mad Max museum bezit nog enkele originele rekwisieten uit de film, coole wagens, kledij en andere leuke spullen. Jammergenoeg was er een elektriciteitspanne in het dorp en was het museum gesloten.

Royal Flying Doctor Service
De Royal Flying Doctor Service is een medische hulpdienst die per vliegtuig de afgelegen gebieden bediend. Over gans Australië hebben ze een aantal bezoekerscentra, ook in Broken Hill. Als grote fan van de televisieserie ’The Flying Doctors’ uit de jaren ’80 kon ik een bezoekje niet afslaan. Gelukkig kon ik Stéphanie en de kinderen zover krijgen om me te vergezellen ;-). Naast een museum is dit ook een echt werkende alarmcentrale. Het museum bevat wat didactisch materiaal en een cinema waar een film de werking van de dienst uitlegt. Ik neem plaats achter een oude station radio en kan voor het eerst zonder gène de gevleugelde woorden ‘Victor Charlie Charlie to Mike Sierra Foxtrot’ uitspreken. Deze zin hoorde ik als jonge fan wel honderd keer uit de speakers van de televisie knallen. Victor Charlie Charlie (VCC) is de naam van de RFDS-basis is Coopers Crossing die het vliegtuig MSF (Mike Sierra Foxtrot) oproept. Jeugdsentiment…
We krijgen meer uitleg door een vrijwilliger, die ons ook enkele vliegtuigen in de hangar laat zien. Blijkt dat de man die ons de rondleiding heeft zijn leven te danken heeft aan de Flying Doctors; bij zijn geboorte hadden hij en zijn moeder dringend medische hulp nodig en gelukkig waren de dokters net op tijd zodat hij dit op latere leeftijd nog kan navertellen. De Flying Doctors is niet enkel een alarmcentrale, ze zorgen ook voor basis medische diensten in de ver afgelegen gebieden; tandartsen, vroedvrouwen en artsen worden wekelijks rondgevlogen om de afgelegen ziekenposten te bemannen. Een interventie van de dienst is gratis voor iedereen, zelfs voor buitenlanders.
Jammergenoeg loop ik Emma Plimpton (Rebecca Gibney), garagiste in de serie, op wie ik als puber een crush had, niet tegen het lijf ;-)

Bell’s Milk Bar
In deze leuke taverne worden we ondergedompeld in de vintage sfeer van de jaren ’70. Het decor lijkt weggelopen uit de Amerikaanse serie ‘Happy Days’ of de videoclip ‘Buddy Holly’ van Weezer. De kinderen genieten van een ijsje met de meest onwaarschijnlijke kleuren en wij van een warme choco. Achterin de taverne is een ludiek museum met keukenspullen uit de tijd van onze grootouders. Grappig hoe de kids reageren op de voorloper van de mixer of de wasmachine.

Line of Lode Miners Memorial
Gelegen op een enorme heuvel met uitzicht op de stad ligt een oude mijn die omgevormd is tot gedenkteken. Het centrum is opgedragen aan de 800 mijnwerkers die hun leven lieten in de mijnen van Broken Hill. Op de gedenkplaatjes staan de namen van de overleden mijnwerkers, hun leeftijd en hoe ze gestorven zijn; instorting, verstikking, een ongelukkige val,… Op de top is een vlaggenmast die de inwoners beneden moest waarschuwen als er een ongeval gebeurd was; de rode vlag liet weten dat er bloed gevloeid was en er iemand gewond was. De zwarte vlag betekende dat er een dode gevallen was, wat meestal resulteerde in een samenkomst van de dorpsbewoners om meer details te weten over het ongeval. Vanop heuvel kan je de uitgestrektheid van de outback rond Broken Hill bezichtigen en besef je dat deze stad echt in ’the middle of nowhere’ ligt.

The Living Desert and Sculptures
Bij zonsondergang trekken we naar The Living Desert and Sculptures, een reservaat van 2400 hectare waarin beeldhouwwerken staan, gemaakt door 12 internationale kunstenaars. De sculpturen zijn gehouwen uit zandsteen en de bekendste hiervan is de Bajo El Sol, ontworpen voor deze locatie door de Mexicaanse kunstenaar Antonio Nava Tirado. Het kunstwerk werd zo gemaakt dat de dalende zon precies in het gat in het beeld terechtkomt. Dit levert een paar aardige kiekjes op.

31 mei – 1 juni

White Cliffs

Broken Hill – White Cliffs : 382km
Camping : White Cliffs Opal Pioneer Tourist Park

Vervolgens zakken we af naar White Cliffs, zoals de naam al doet vermoeden zijn we omringd door heuvels van wit grind. De regio staat bekend om zijn opaal-mijnen, deze prachtige edelsteen wordt veel gebruikt in sieraden. De vorming van opaal is een nogal ingewikkeld fenomeen, met vele chemische formules. We onthouden dat de stenen gevormd werd door de variatie van het zeeniveau en gevormd wordt als opvulling van gaten en spleten. De steen is familie van de kwarts en kunnen bijna alle kleuren van de regenboog aannemen.

We zijn bijna alleen in dit verlaten dorp, met uitzondering van een paar ‘grey nomads’. De volgende dag besluiten we het mysterie van dit dorp te doorbreken. We zijn in het midden van de outback en er is geen ander dorp binnen een omtrek van 150 km. In de zomer hebben de inwoners hier te maken met hitte rond 45 of zelfs 50°C. Om deze hitte te doorstaan, bouwden de inwoners hun huizen in verlaten mijnschachten. We krijgen de kans zo’n unieke woning te bezoeken, deze van de kunstenaars Cree Marshall en Lindsay White. De huizen worden gegraven tussen verschillende mijnschachten, waardoor grote leefruimtes ontstaan met de schachten als verlichting en verluchting. Omdat de huizen zich onder de grond bevinden is hier een constante temperatuur van 25°C, zomer en winter. Vandaag wonen nog een twintigtal gezinnen in deze unieke huizen.

We zetten onze ontdekkingstocht verder en krijgen een rondleiding in een werkende opaalmijn, Red Earth Opal. Eigenaar en mijner Graeme is een gepassioneerd verteller en de jongens zijn onder de indruk van de mysteries rond de zeldzame opaalsteen. Het zoeken naar deze edelstenen is een werk van lange adem en zoals een spelt in een hooiberg. Door de jaren heen kan Graeme de rotsen ‘lezen’ en kan zo uitmaken waar het de moeite loont om te graven. Het blijft een gevaarlijke job, diep onder de grond, maar zijn passie heeft hem geen windeieren opgelegd. Sommige vondsten leverden hem al enkele tienduizenden euro’s op. Na de uitleg krijgen de jongens een beitel en kunnen ze hun geluk beproeven om zelf een steen te vinden. Het levert hen echter niets op. Graeme vertelt dat er in het verleden een paar bezoekers meer geluk hadden en wel kostbaar opaal uit de rotsen konden halen. Gelukkig voor Graeme moet iedereen voor het bezoek een papier ondertekenen waarin staat dat alle gevonden stenen eigendom zijn van hemzelf. Simon haalt al zijn charmes boven en bemachtigt een opaal die hij in de auto van Graeme vond. Hij zal er niet rijk van worden, maar het blijft een mooie herinnering aan dit uniek bezoek. Enkele uren later vinden we Simon en Robin terug op de terreinen rond de camping, op zoek naar nog meer stenen, tevergeefs…

2 juni

Onderweg naar Cobar

White Cliffs – Cobar : 358km
Camping: Cobar Memorial Services Campground

Onze volgende halte is terug een mijnstad; Cobar. In 1870 werd hier voor het eerst koper ontdekt en ontgonnen, vandaar de naam van de stad. Vele Europese en Aziatische mijnwerkers kwamen hier hun geluk zoeken. Op zijn hoogtepunt huisvestte Cobar 10.000 inwoners. In 1920 werden de mijnen verlaten en daalde het aantal bewoners onder de 1000. In 1980 werd hier ook goud, zilver, lood en zink ontdekt, wat zorgde voor een nieuwe ‘boom’. Vandaag zijn er nog 3 werkende mijnen open. We installeren onze motorhome op een plaatselijke parking, naast een grote openbare speeltuin. Het is weekend en jongens ravotten tot ’s avonds laat met de plaatselijke kinderen.

3 – 4 juni

Warrumbungle National Park

Cobar – Warrumbungle National Park : 403km
Camping : Camp Blackman

De volgende etappe brengt ons naar het Warrumbungle National Park, op zo’n 400 km van Cobar. Terug een lange rit voor onze jongens, maar wat hen in het park te wachten staat zal hen plezier doen. De camping Camp Blackman is diep in het park gelegen, is verlaten is de enige Dark Sky Park in de zuidelijke hemisfeer. Een Dark Sky Park is een plek met uitzonderlijke sterrennachten en waar geen lichtvervuiling toegestaan wordt. Een donkere, natuurlijke nachthemel is belangrijk voor dieren en planten die het interval van licht en donker nodig hebben om te weten wanneer ze moeten eten, slapen, jagen, migreren en zich voortplanten. Hier gelden speciale regels omtrent licht, zaklampen en kampvuren.

Het park wordt omringd door bossen, adembenemende landschappen en prachtige bergen.
In 2013 woedde hier een hevige bosbrand, één van de grootste in de streek en 90% van de bossen werden verwoest. Sindsdien is de natuur zich aan het herstellen, maar vele dieren, zoals koala’s, die zich door hun kleine bevolkingsaantal maar moeilijk kunnen voortplanten, hebben helaas de plaats verlaten. Kangoeroes zijn er wel in overvloed. Wanneer ik mijn drone bovenhaal om hen vanuit de hoogte te filmen reageren ze heel laconiek en lijken geen schrik te hebben. We kunnen ze zelfs benaderen tot op enkele meters.

We zijn opgetogen dat we door deze mooie omgeving kunnen wandelen en de tochten zijn goed uitgestippeld, zoals de meeste tochten hier in Australië. ’s Avonds wordt het vroeg donker en we halen onze scouts- en chirotalenten boven om ons te verwarmen aan een gezellig kampvuur, met een warme chocolademelk en marshmallows. Tot 22u, want dan moet alle licht uit en overheerst de duisternis én de prachtige sterrenhemel.

6 – 7 juni

Goudkoorst in Hill End

Warrumbungle NP – Hill End : 298km
Camping : Glendora Campground & The Village Campground

De volgende halte is Hill End, een dorp dat zijn naam alle eer aan doet. Een gezellig plaatsje met prachtige oude huizen, verscholen in de heuvels. Dit dorp kende ook zijn glorietijd tussen 1850 en 1870 dankzij de goldrush. Het dorp telde toen 8000 inwoners, had allerlei handelszaken, coffeeshops en zelfs een viswinkel, waar verse vis te verkrijgen was. Van waar die verse vis komt en hoe het dit onherbergzaam gebied bereikte met paard en kar blijft een raadsel… Nu wonen er officieel nog 80 mensen, waarvan veel kunstenaars. Het dorp is één en al charme, vooral in deze tijd van het jaar. Het herfstlicht dat valt op de huizen en op de brede lanen valt zorgt voor een heel speciale sfeer.

Al wandelend door de verlaten straten kan je de sfeer opsnuiven van het rijke verleden. Hier is de tijd als het ware gestopt. In het centrum vind je een kruidenierswinkel waar lekkere koffie en heerlijke scones geserveerd worden. Er is een leuk ingericht bezoekerscentrum dat extra uitleg verschaft en er zijn twee campgrounds; eentje in het centrum van het dorp en eentje net buiten het dorp, in de bossen.

8 – 11 juni

Onmetelijk grote eucalyptus-bossen – Blue Mountains

Hill End – Blackheath : 193km
Camping : Blackheath Glen Tourist Park

De laatste etappes worden korter en korter, we leggen niet meer de grote afstanden af en we naderen langzaam maar zeker onze eindbestemming Sydney. We hebben zo’n 5700km afgelegd in 4 weken tijd. Onze laatste halte vooraleer we in Sydney arriveren is Blue Mountains National Park. De Blue Mountains zijn een bergketen die op hun hoogste punt 1120m bereiken en deel uitmaken van de Australische Cordillera die zich ongeveer 3000 kilometer uitstrekt langs het oosten en zuidoosten van de kust van Australië. Deze site is prachtig en is sinds 2000 geclassificeerd als UNESCO-werelderfgoed.

De naam van deze bergen vindt zijn oorsprong in de blauwe waas die over de bergen zweeft. De blauwe waas is afkomstig van minuscule druppels eucalyptusolie gecombineerd met stofdeeltjes en waterdamp. De breking van het licht zorgt ervoor dat dit voor een blauwe kleur zorgt. We ondernemen twee wandelingen om de grootsheid van de natuur te ontdekken; een wandeling met uitzicht op de Three Sisters en de andere naar de Evans Lookout. De legende zegt dat de Three Sisters-toppen drie zussen waren die zich wilden beschermen tegen de charmes van drie broers uit een naburig dorp. We vroegen de hulp van een plaatselijke heks die de drie zussen in drie bergtoppen veranderde. Jammergenoeg stierf de heks en kon de betovering niet ongedaan maken. Een leuk verhaaltje voor onze drie broers…
Het hoogtepunt van de Blue Mountains blijkt de Grand Canyon Walk te zijn, maar helaas moeten we de volgende dag onze camper inleveren en hebben we enkel nog tijd om onze bagage klaar te maken en de jongens vroeg in bed te stoppen. Uitgeput van deze adembenemende natuur.

11 – 15 juni

Eindbestemming Sydney

Blackheath – Sydney : 120km

Na 4 weken aan boord van onze trouwe metgezel, onze camper, is het tijd om afscheid te nemen. Na meer dan 6000 km op de teller en meer dan 20 tussenstops, zijn we aanbeland in het prachtige Sydney. We huren een ruim en appartement op ongeveer 45 minuten van het centrum van Sydney. De gelegenheid om een grote was te doen en onze bagage nog eens grondig opnieuw te rangschikken; dikke truien onderaan en zwemgerief bovenaan; klaar voor onze volgende zonnige bestemming: de Filipijnen.

De temperaturen aan de oostkust zijn wat milder koud dan in de outback, we halen zelfs meer dan 20 graden. We arriveren net op tijd in de megastad; rond deze tijd van het jaar wordt het jaarlijkse lichtfestival gehouden; VIVID Sydney. In het centrum worden lichtinstallaties geplaatst en projecties geïnstalleerd op historische gebouwen, waaronder de beroemde Harbour Bridge en het prachtige Opera House, de trots van de stad. De Opera House is één van de beroemdste gebouwen van de twintigste eeuw, een architecturale hoogmis. Sommigen zien in het gebouw een zeilboot, anderen een schelp. Het duurde 15 jaar om dit kunstwerk te maken. Een paar dagen eerder gaf het de groep Sigur Ros, één van mijn favoriete bands, hier nog een concert. Helaas hadden we geen babysit 😞

De mobiliteit in deze stad is enorm goed uitgebouwd, met een Opal Card kan je vrij goedkoop rondreizen. Als volwassene betaal je kan per dag maximum 16AUD, ongeacht het aantal verplaatsingen, kinderen betalen maximum 8AUD per dag. De wachttijd per aansluiting bedraagt niet meer dan 5 minuten en de verbindingen tussen trein, bus en metro zijn bijzonder eenvoudig. Zo bezoeken we het centrum van de stad en het Sydney Maritime Museum, een must voor de jongens.

Vaarwel Australië, we hebben 5 magnifieke weken in dit land doorgebracht, werden verrast door de prachtige landschappen, de overvloedige fauna en de vriendelijke. “G-day, how are you?”, “Have a good day, madam”, “See you, guys”. De jongens hebben niet veel zin om te vertrekken uit dit westers land, maar nieuwe Aziatische avonturen staan hen te wachten in de Filipijnen.
De reisdag zal lang zijn. Een paar uur vliegen naar Manilla, de hoofdstad van de Filippijnen en dan de verbinding naar Cebu nemen om om 23.00 uur aan te komen in een hostel om dan de volgende ochtend een veerboot te nemen naar het eiland Bohol, onze eerste bestemming op dit eiland.

3 reacties

  1. Reactie van Karolien Verbruggen

    Avatar

    Karolien Verbruggen Reageer 16 juli '19 om 16:34

    Wauw, Bert, wat een avonturen. Ik heb zelf 3 jaar geleden een stuk van jullie route gedaan en werd helemaal teruggekatapulteerd. Heel leuk om jullie avonturen en verhalen te lezen. Wat een fantastisch jaar maken jullie jongens – en jullie- mee. Geniet nog e af en toe wat rusten he 😉 Groetjes, Karolien

  2. Reactie van lieve huys

    Avatar

    lieve huys Reageer 16 juli '19 om 20:42

    Alweer prachtige foto’s en een fantastisch avontuur in een supermooie natuur! Heel veel kusjes.

  3. Reactie van Christiane Olbrechts en Dirk Heylen

    Avatar

    Christiane Olbrechts en Dirk Heylen Reageer 20 juli '19 om 21:20

    Dag Bert en familie, wat een prachtige route hebben jullie gedaan.Wij genieten enorm van je verslag en reizen zo een beetje mee door de prachtige natuur en genieten van jullie avonturen en mooie foto’s. Wij kijken al uit naar het laatste verslag van jullie onvergetelijk jaar !

    Groetjes Chris en Dirk (Schilde)

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Ga naar boven